In de Rode Zee zetten de Egyptische reddingswerkers met hulp van de Britse en Amerikaanse marine de zoektocht naar overlevenden van de ramp met de Salam Boccaccio 98 voort. Twee dagen na de ramp met de Egyptische veerboot zijn nog steeds meer dan 700 mensen vermist.
De reddingswerkers hebben inmiddels meer dan 460 overlevenden uit het water gehaald en er zijn bijna tweehonderd doden geborgen. In totaal waren er donderdagavond, bij het vertrek van het schip, ruim 1400 passagiers en bemanningsleden aan boord.
Vliegtuigen, helikopters en schepen blijven de Rode Zee afzoeken, maar de hoop dat ze nog iemand levend zullen vinden is klein. "De reddingsoperatie gaat door, maar mogelijk liggen de meesten van hen nu op de bodem van de zee", zei een arts, die erop wees dat de zee vol haaien zit. "Dit is de laatste dag dat we overlevenden kunnen vinden, daarna is er geen hoop meer."
De oorzaak van het ongeluk is nog onbekend. Zeker is dat kort na het vertrek van de boot uit het Saudi-Arabische Duba brand uitbrak in de machinekamer, en dat desondanks is doorgevaren. Eén van de bemanningsleden heeft tegen een Egyptische procureur-generaal gezegd dat het schip slagzij maakte door de enorme hoeveelheid bluswater die voor het bestrijden van de brand onder in de boot terecht kwam.
Zwemvesten
De kritiek op de kapitein en de bemanning houdt intussen aan. Volgens de scheepsofficier heeft de kapitein besloten door te varen omdat hem was gezegd dat het vuur onder controle was. Hij zou de passagiers hebben opgedragen zwemvesten aan te trekken, aldus het bemanningslid.
Verschillende overlevenden zeggen echter dat ze de reddingsvesten weer uit moesten doen. "We droegen reddingsvesten, maar ze vertelden ons dat er niets aan de hand was", vertelt passagier Shahata Ali. Volgens Abdel Raouf Abdel Nabi moesten de passagiers de vesten meteen afdoen. "Er was een brand maar de bemanning hield mensen die een reddingsvest wilden omdoen tegen, zodat er geen paniek zou uitbreken."
Toen die paniek toch uitbrak, zouden bemanningsleden volgens twee getuigen zelfs enkele vrouwen in hun hutten hebben opgesloten, maar vele andere overlevenden in het ziekenhuis van Safaga zeiden dat dat niet waar is.
De meeste kritiek richt zich op de kapitein, van wie niet zeker is of hij het drama heeft overleefd. Op het moment dat duidelijk was dat de Salam de haven niet meer zou halen, zou hij als eerste met een aantal bemanningsleden met een reddingsboot zijn vertrokken, de passagiers verbijsterd op het zinkende schip achterlatend. "De kapitein was als eerste weg en we waren verrast toen de boot begon te zinken", aldus Khaled Hassan, een andere overlevende.
Sayed Abdul Hakim beleefde het heengaan van de veerboot alsof hij naar de film Titanic stond te kijken, vertelt hij. "Geen enkel bemanningslid liet reddingsboten zakken of liet ons zien hoe dat moest."
'Onvolkomenheden'
Suleiman Awad, de woordvoerder van de Egyptische president Mubarak, erkende gisteren dat het schip niet meer in goede staat verkeerde. "De snelheid waarmee het is gezonken en het ontbreken van voldoende reddingsboten duiden op onvolkomenheden", zei Awad.
Mubarak bezocht gisteren passagiers in twee ziekenhuizen. Hij beloofde de overlevenden 15.000 Egyptische pond (2.150 euro) schadevergoeding, en nabestaanden van de slachtoffers 30.000 pond (4.300 euro).
Familieleden van de slachtoffers eisen op dit moment echter eerst informatie over de reddingsactie. Gisteren kwam het zelfs tot botsingen met de oproerpolitie in de havenstad Safaga. Toen familieleden probeerden door een cordon heen te breken om het ziekenhuis binnen te komen, gebruikte de politie traangas om de menigte uiteen te drijven.
Deel deze pagina