Antonio Fazio, de president van de Italiaanse Centrale Bank, is afgetreden. Dat heeft een woordvoerder van de Banca d'Italia bekendgemaakt.
Fazio ligt al maanden onder vuur vanwege de affaire rond de overname van de bank Antonveneta door de Nederlandse ABN Amro Bank. Hij zou de Banco Popolara Italiana (voorheen Lodi) hebben bevoordeeld in de overnamestrijd. Directeur Gianpiero Fiorani van BPI moest om die reden eerder al vertrekken.
Onhoudbaar
De bankpresident, voor het leven benoemd, ligt al onder vuur sinds in de zomer telefoongesprekken tussen hem en Fiorani uitlekten. Fazio weigerde tot nog toe echter op te stappen.
Pas vorige week werd zijn positie echt onhoudbaar. Het Italiaanse Openbaar Ministerie in Milaan maakte toen bekend dat er een strafrechtelijk onderzoek tegen hem liep. Hij wordt verdacht van handel met voorkennis en misbruik van zijn positie.
De Europese Centrale Bank begon daarop vragen te stellen over het functioneren van Fazio, en in Italië zag de bankpresident het laatste restje politieke steun dat hij nog over had als sneeuw voor de zon verdwijnen. Umberto Bossi van de Lega Nord, lang een supporter van Fazio, eiste uiteindelijk ook zijn aftreden.
Morgen zou de regering vergaderen over maatregelen die de Banca d'Italia rechtstreeks zouden treffen. Fazio besloot waarschijnlijk mede om die reden de eer aan zichzelf te houden.
Verantwoordelijkheid
De Italiaanse minister-president Silvio Berlusconi omschreef het besluit van Fazio als een "bewijs van zijn ernst en verantwoordelijkheid" Berlusconi liet weten nooit aan de oprechtheid van Fazio te hebben getwijfeld. "Maar zoals de zaken zijn gelopen, ben ik ervan overtuigd dat Fazio de juiste beslissing heeft genomen", aldus de Italiaanse regeringsleider.
President Jean-Claude Trichet van de Europese Centrale Bank (ECB) liet in een verklaring weten het besluit van Fazio "volledig te respecteren". "De ECB is van mening dat zijn aftreden het beste besluit was in het grotere belang van het land en de Italiaanse centrale bank." Nout Wellink, president van De Nederlandsche Bank, gaf eveneens aan het besluit van Fazio te respecteren.
Rivaal
De bevoordeling van BPI leidde begin dit jaar tot een felle strijd tussen ABN Amro en en de Italiaanse rivaal om Antonveneta. Door de vele juridische procedures, onderzoeken en verschillende biedingen duurde het maanden voordat duidelijk werd dat ABN Amro het pleit zou winnen.
De Italiaanse gegadigde trok zich pas terug nadat de Italiaanse justitie beslag had gelegd op de aandelen van BPI in Antonveneta, vanwege het onderzoek naar het overtreden van de regels door de Italianen.
Deel deze pagina
»
»
»