Justitie zegt een concrete aanwijzing te hebben gevonden dat een Hofstadgroep-verdachte in juni de kamerleden Hirsi Ali en Wilders wilde vermoorden. Dat blijkt uit het strafdossier van de rechtzaak tegen de Hofstadgroep die maandag begint.
Nouredine el F., die op 22 juni werd aangehouden met een doorgeladen mitrailleur in zijn rugzak, heeft in de gevangenis tegen een medegevangene gezegd dat hij in de dagen voor zijn arrestatie letterlijk "op zoek was" naar de twee parlementariërs. Hij werd gearresteerd op station Lelielaan in Amsterdam.
Buurman
Nouredine belandde in het huis van bewaring in Zutphen. Hij vertelde aan de man in de cel naast hem dat hij van de Hofstadgroep was. De buurman was een buitenlander en wist niet waar Nouredine het over had. Hij wist van de moord op Theo van Gogh, maar van een Hofstadgroep had hij nooit gehoord.
Tegenover de rechtercommissaris heeft deze gevangene verklaard dat Nouredine el F. vervolgens uitlegde wat de Hofstadgroep was en zelf zei dat hij op 22 juni met dat machinepistool op zoek was naar de parlementariërs Wilders en Hirsi Ali.
Het plannen van een aanslag was tot voor kort niet makkelijk te bestraffen in Nederland. Samir A. werd er van vrijgesproken.
Informant
De advocaten van de Hofstadgroep beweren dat de inlichtingendienst AIVD mogelijk een agent in de Hofstadgroep had, die iedere keer bij arrestaties de dans ontsprong. Het zou gaan om een Marokkaanse jongen: Saleh B.
Volgens de Hofstadgroep leverde de AIVD-informant zelfs de handgranaten waarmee de twee politieagenten in de Antheunisstraat werden verwond.
Het proces tegen de Hofstadgroep-verdachten gaat tien weken duren. Het Openbaar Ministerie zal moeten aantonen dat de veertien verdachten een terroristische organisatie vormden. De rechtbank doet op 24 februari uitspraak in de zaak.
Deel deze pagina
»
»
»