De zwarte activiste Rosa Parks is op 92-jarige leeftijd overleden in haar woonplaats Detroit. Parks werd in 1955 wereldberoemd toen ze in de stad Montgomery, in de staat Alabama, weigerde om haar zitplaats in de bus af te staan aan een blanke.
Parks werd door de politie uit de bus gezet, wat tot massaal protest leidde in de Amerikaanse zwarte gemeenschap. Onder leiding van de eveneens uit Montgomery afkomstige dominee Martin Luther King werd het busvervoer in de stad een jaar lang geboycot door alle zwarten.
In zijn boek 'Stride toward freedom' beschreef King de actie van Parks als "een individuele uiting van een tijdloos verlangen naar menselijkheid en vrijheid".
Moe
In haar biografie schreef Parks dat het niet waar is dat ze niet op wilde staan omdat ze moe was. "Ik was het alleen moe om toe te geven."
Uiteindelijk bepaalde de rechter dat de rassenscheiding in de bus onwettig was. De zaak, die helemaal naar het Hooggerechtshof in Washington ging, leidde uiteindelijk tot afschaffing van alle rassenwetten.
Werk
Voor Parks was het gevolg van de rechtsgang dat ze niet meer aan werk kwam in Montgomery. Daarop verhuisde ze naar de Noord-Amerikaanse stad Detroit waar ze als naaister aan de slag kon. Later kreeg ze werk als assistent bij senator John Conyers.
Rosa Parks werd sinds haar actie 'de moeder van de burgerrechtenbeweging' genoemd. Voor Parks hoefde die titel niet. Ze wilde alleen herinnerd worden "als een persoon die vrij wilde zijn en wilde dat anderen vrij zijn".
Ze overleed thuis in haar slaap.
Deel deze pagina