Uit metingen blijkt dat in Nederland jaarlijks de bliksem zo'n 100.000 keer inslaat. Gemiddeld worden op jaarbasis een vijftal personen door de bliksem getroffen. Dat iemand aan de gevolgen van een blikseminslag overlijdt, gebeurt niet vaak. De afgelopen vijf jaar gaat het in Nederland voor zover bekend om drie of vier gevallen.
Wat kunnen we doen om het risico tijdens onweer zo klein mogelijk te houden?
Hurken
Het bliksemgevaar is het grootst tijdens de zomer. Eén op de drie getroffenen overlijdt. De overige slachtoffers hebben te kampen met brandwonden, geheugenverlies, verlamming of het stilvallen van de ademhaling. De meeste letsels verdwijnen doorgaans na een dag.
Wie tijdens het losbarsten van een onweer buiten is, kan het beste schuilen in een auto. Een auto vormt een zogeheten Kooi van Faraday, die de bliksem afleidt naar de grond.
Wie geen schuilplaats kan vinden, wordt aangeraden te hurken en de voeten zo dicht mogelijk bij elkaar te zetten, want tussen de voeten ontstaat een spanningsveld op de grond. Om die reden gebeurt het vaak dat koeien het slachtoffer worden van een inslag.
Fataal
Afgeraden wordt onder een boom te gaan staan. Niet alleen kan de boom omvallen; wanneer de bliksem inslaat kan hij via de boom op de mens overslaan. Hetzelfde kan gebeuren wanneer iemand vlakbij een paal of onder een schuurtje staat.
Ook wordt afgeraden op een hoog punt, bijvoorbeeld in een open veld, te blijven staan tijdens onweer. Golfers worden nog wel eens getroffen omdat ze hun metalen clubs opwerpen om een bal te slaan.
Vissen, varen en zwemmen is evenmin veilig. Voor een zwemmer kan een inslag op afstand al fataal zijn. Ook het gebruik van paraplu's wordt ernstig afgeraden.
Goed te weten is dat personen die door bliksem zijn geraakt, zonder enig gevaar aangeraakt kunnen worden voor het toedienen van eerste hulp. Maar binnen blijven tijdens een onweer is nog steeds de meest veilige optie.
Deel deze pagina
»
»
»