De nieuw gekozen Iraanse president Mahmoud Ahmadinejad zou in 1979 een van de sleutelfiguren zijn geweest bij de gijzeling van de Amerikaanse ambassade in Teheran. Dat zeggen drie ex-gijzelaars in de Washington Times.
Ahmadinejad zou één van de leiders zijn geweest van de groep radicale studenten die de ambassade in 1979 bezette en 66 Amerikaanse medewerkers gijzelde. Ook zou hij gijzelaars hebben ondervraagd.
Een van de gijzelaars in het interview herinnert zich de jonge Ahmadinejad als een "hard en wreed persoon" tijdens diverse verhoren.
Verschillende mensen die destijds achter de gijzeling zaten, hebben overigens ontkend dat Ahmadinejad iets met de gijzeling te maken had.
Sjah
De gijzeling, die op 4 november 1979 begon, duurde 444 dagen. Aanleiding was de hulp die Amerika had geboden aan de corrupte sjah, die was gevlucht nadat studenten onder leiding van radicale geestelijken een revolutie waren begonnen.
Amerika werd door de studenten uitgemaakt voor 'Grote Satan' en zij overmeesterden de Amerikaanse ambassade en het aanwezige personeel. Ze eisten uitlevering van sjah Mohammed Reza Pahlawi.
De Amerikaanse president Carter bleek niet in staat een diplomatieke oplossing te vinden en gaf uiteindelijk elite-eenheid Delta de opdracht de gijzelaars te bevrijden. Deze poging liep uit op een drama: drie van de acht helikopters die vanuit Egypte waren opgestegen kwamen wegens technische mankementen niet aan in Teheran, een andere helikopter botste tegen een tankwagen waarbij acht doden vielen. Daarop werd de actie afgebroken.
Amerika en Iran
Vlak na de inauguratie van de nieuwe Amerikaanse president Ronald Reagan, in januari 1981, lieten de Iraanse studenten hun gijzelaars gaan. De gijzeling betekende een ernstige verstoring in de betrekkingen tussen Amerika en Iran.
De huidige Amerikaanse president Bush zet vraagtekens bij de mogelijke rol van Mahmoud Ahmadinejad tijdens de gijzeling. Bush zei dat hij het bericht niet kon bevestigen, maar dat de eventuele betrokkenheid van de nieuwe Iraanse president "veel vragen oproept".
Bush zei dat de Verenigde Staten en de Europese Unie Ahmadinejad "een sterke waarschuwing" zullen geven over hun zorgen over de nucleaire ambities van Iran.
Revolutie
In zijn eerste toespraak als president toonde Ahmadinejad zich vorige week een gematigd man. Hij zei toen dat er in Iran geen plaats is voor extremisme. Gisteren liet hij echter bij een herdenking van een aanslag in 1981 weten zijn verkiezingszege te zien als het begin van "een islamitische revolutie die zich spoedig over de wereld zal verbreiden."
Ook zei hij dat het tijdperk van onderdrukking, hegemoniale regimes en tirannie voorbij is. Hij doelde daarmee op de Verenigde Staten.
De verhouding tussen beide landen is al zeer gespannen omdat de VS Iran ervan verdenkt in het geheim te werken aan een kernbom. Ahmadinejad zei na zijn verkiezing dat het Iraanse atoomprogramma wordt voortgezet omdat Iran "recht heeft op wetenschappelijke ontwikkeling op alle gebieden". Hij zei wel het overleg met de Europese Unie over het nucleaire programma voort te willen zetten.
Deel deze pagina