Het lesgeld voor 16- en 17-jarigen wordt per 1 september afgeschaft. Dit kan sommige gezinnen meer dan 900 euro in het jaar schelen.
Minister Zalm van Financiën beloofde in het debat over de Voorjaarsnota dat hij een financiële dekking zal zoeken voor de 150 miljoen euro die de afschaffing van het lesgeld kost.
Als het geld niet binnen de huidige begroting is te vinden, zal het kabinet op verzoek van het parlement een beroep doen op het zogenoemde FES-fonds, waaruit gewoonlijk investeringen in wegen en bruggen worden betaald.
De afschaffing van het lesgeld voor 16- en 17-jarigen is een langgekoesterde wens van vrijwel de voltallige Tweede Kamer, die daarmee de middeninkomens tegemoet wil komen.
Dit jaar bedraagt het schoolgeld 936 euro. De lagere inkomens kregen een compensatie.
Spaarloon vrijgeven
De bedoeling van het schrappen van het schoolgeld is dat mensen meer kunnen uitgeven, en op die manier de economie stimuleren.
Om die reden heeft Zalm ook ingestemd met het vrijgeven van het spaarloon per 1 september (maximaal 1200 euro per werknemer). In de spaarloonregelingen van zo'n 3 miljoen werknemers staat 4,5 miljard euro vast.
Zalm zei in het debat dat als mensen maar 1 miljard van dit bedrag zouden uitgeven, de economische groei op jaarbasis al 0,2 procent hoger zal uitvallen dan geraamd.
De oppositiepartijen hebben veel kritiek op het kabinet, dat onder meer door een opeenstapeling van stelselhervormingen voor veel onzekerheid zorgt, waardoor mensen liever sparen dan hun geld uitgeven.

»