President Bush heeft de offers die zijn gebracht door soldaten in Irak gerechtvaardigd. Hij deed dit in een toespraak op televisie die vannacht, precies een jaar na de machtsoverdracht van de VS aan de Irakezen, werd uitgezonden.
Bush verklaarde dat de strijd in Irak van groot belang is voor de veiligheid van de Amerikanen. Hij legde opnieuw een link tussen de aanwezigheid van Amerikaanse troepen in dat land en het terrorisme en bracht de opstandelingen die nu in Irak actief zijn in verband met de terorristen die in september 2001 de Verenigde Staten aanvielen.
"In Irak nemen ze stelling", zei de Amerikaanse president. "We weten dat als we het kwaad niet te lijf gaan, het aan kracht en brutaliteit wint en ons opnieuw zal aanvallen." Na de aanslagen van 11 september 2001 deed Bush ook zijn best om de daders in verband te brengen met Irak. Maar dat verband is nooit aangetoond.
De president vroeg het volk geduld te hebben met de inzet van Amerikaanse troepen in Irak. Hij zei dat hij geen datum kon noemen waarop het leger zich uit Irak terugtrekt. "Amerika gaat niet weg voordat de klus geklaard is."
Populariteit
Het was voor het eerst sinds lange tijd dat Bush weer een toespraak gaf over de missie in Irak. Met zijn toespraak hoopte de president meer steun voor zijn Irak-beleid te krijgen van het volk, want hij staat er slecht voor in de peilingen. Zijn populariteit is nog nooit zo laag geweest.
Maandenlang leek de oorlog van de voorpagina's te zijn verdwenen, maar nu trekt het Amerikaanse volk zijn steun aan de missie steeds verder terug. Reden is dat het aantal Amerikaanse doden de laatste maanden drastisch is gestegen.
Minder dan 40 procent van de Amerikanen staat nog achter het Irak-beleid van Bush. Bijna 60 procent heeft spijt van de oorlog en evenveel mensen willen dat de 140.000 Amerikaanse militairen thuiskomen.
De oorlog heeft aan ruim 1700 Amerikanen het leven gekost. Zo'n 1600 doden (Bijna 93 procent), vielen na de val van Bagdad. Inmiddels is de kritieke grens van 20 doden per week overschreden. En de Amerikanen willen weten waarom.
Statistisch gezien
Twee weken geleden gaf Rumsfeld, de Amerikaanse minister van Defensie, al toe dat Irak sinds de invasie "statistisch gezien" niet veiliger is geworden. Hij zei toen nog wel dat het slechts een kwestie van tijd is voordat de rebellen in het land zullen worden verslagen.
Dat werd nog eens door vice-president Cheney bevestigd toen die zei dat het verzet in Irak "zijn laatste worstelingen" uitvoert. Rumsfeld leek toen al te beseffen dat een te groot optimisme ongepast is en relativeerde de uitspraak met: "Laatste worstelingen kunnen ook gewelddadig zijn."
Rumsfeld heeft afgelopen weekend te kennen gegeven dat hij denkt dat de oorlog in Irak nog jaren kan duren. "De opstand zou nog jaren kunnen doorgaan. Opstanden duren meestal vijf, zes, acht, tien of twaalf jaar", zei hij in een Amerikaans televisie-interview.
Met deze uitspraak geeft Rumsfeld voor het eerst openlijk toe dat de rol van de VS in Irak nog lang niet uitgespeeld is. Hij verwacht "dat we een escalatie van het geweld zullen zien tussen nu en de verkiezingen in december."
Ongemakkelijk
John Kerry, die het tijdens de laatste presidentsverkiezingen namens de Democraten tegen Bush opnam, uitte kritiek op de verwijzingen van de president naar het terrorisme. Op de nieuwszender CNN zei Kerry dat Amerikanen zich ongemakkelijk voelen omdat de president "nog steeds dezelfde taal spreekt". "De meeste Amerikanen weten dat Irak, tot wij er kwamen, nooit een broeinest van terrorisme was."
Kerry verwijt Bush ook dat de Amerikanen nog altijd niet in staat zijn om voldoende Iraakse militairen te trainen, zodat de Amerikanen zich uit Irak kunnen terugtrekken.
Extra
Bush zei tijdens zijn speech ook dat de Verenigde Staten geen extra troepen naar Irak zullen sturen, omdat de Irakezen juist steeds meer zelf moeten doen. Volgens hem zou dat ook het signaal geven dat de Verenigde Staten niet meer weg willen gaan.
De president noemde Irak een slagveld in de strijd tegen terreur. "De offers die we daar brengen, zijn het waard, en cruciaal voor de veiligheid van de Verenigde Staten." Bush noemde tijdens zijn toespraak twee keer de naam van Osama bin Laden. Dat is opvallend, want meestal vermijdt hij het spreken over zijn aartsvijand.

»
»
»