Het licht op de Zeeuwse eilanden zou anders zijn dan in de rest van Nederland. Lichter, blonder. Dat ontdekte een groep bevriende kunstenaars aan het begin van de vorige eeuw en ze vestigden zich in Domburg, Walcheren.
Premier Balkenende, geboren in het nabijgelegen Kapelle, opent in Domburg vandaag een tentoonstelling met werk van deze kunstenaarskolonie.
Jan Toorop
Het middelpunt van de 'Domburgers' was de schilder, tekenaar en graficus Jan Toorop (1858-1928). Hij bezocht het badplaatsje in de zomer van 1897, iets wat hij twintig jaar lang bleef herhalen.
In een impressionistische stijl, die er vooral op gericht was een indruk weer te geven, legde Toorop in Domburg de werking van het Zeeuwse licht vast. Bekende voorbeelden hiervan zijn de schilderijen Kanaal Middelburg-Vlissingen (1907) en Zee en duinen bij Domburg (1908).
Ook andere kunstenaars, onder wie Piet Mondriaan (1872-1944), probeerden dit licht te 'pakken'. Mondriaans schilderij Zee naar zonsondergang (1909) geeft de sensatie weer die hij in Domburg onderging.
Volgens kunsthistorici ontstond in het Zeeuwse plaatsje een heuse beweging, het Nederlandse luminisme ('Lumen' is Latijns voor 'licht').
Expositie
In 1912 nam Jan Toorop het initiatief tot een expositieruimte in het dorp. Het 'Kotje van Domburg' was een houten paviljoen in de duinen, waar dat jaar een spraakmakende expositie plaatsvond met 82 schilderijen van 15 kunstenaars.
Binnen een jaar bezweek het paviljoen tijdens een storm, en ook een stevigere constructie overleefde het enkele jaren later niet.
In deze Week van de Zee brengt galerie Het Noorderlicht werken van de kunstenaarskolonie weer samen. De tentoonstelling is tot en met 18 september te zien.
Deel deze pagina
»
»
»