»
Vastgoedproject
NOS In Amsterdam start dinsdag een rechtszaak tegen vijftig vastgoedhandelaren die worden verdacht van oplichting, valsheid in geschrifte, corruptie en witwassen.
Volgens justitie zouden ze meer dan 200 miljoen euro hebben gestolen van hun eigen baas. Een van de hoofdverdachte is Cees H., oud-bestuurder van Bouwfonds. Hij zat in de top van de criminele organisatie.
Tegenprestatie
Volgens justitie hield de organisatie zich jarenlang bezig met onderwereldpraktijken. "De zaak is aan het rollen gekomen toen een belastingambtenaar een factuur van H. controleerde waar hij geen reëele tegenprestatie voor kon ontdekken", zei officier van justitie Bosch.
"De belastingambtenaar stelde daar vragen over, maar kreeg daar niet echt een helder antwoord op. Hij is vervolgens het geldspoor terug gaan volgen en kwam meer facturen tegen waar ook geen duidelijke tegenprestatie tegenover stond."
Morgen staan de eerste twee verdachten voor de rechtbank in Amsterdam, Rob W. en Maarten M. Zij ontwikkelden voor het Bouwfonds drie grote vastgoedprojecten. De kosten bedroegen 49 miljoen euro, maar ze voerden allerlei nepkosten op.
In totaal ontvingen ze van het Bouwfonds 67 miljoen euro. De winst, 18 miljoen, verdween naar geheime rekeningen.
Smeergeld
De belangrijkste verdachten staan volgend jaar pas terecht. Het zijn topmannen van het Bouwfonds en het Philips Pensioenfonds. Zij keerden geld uit voor werkzaamheden die nooit zijn uitgevoerd en wisten diezelfde bedragen via geraffineerde administratieve constructies en smeergeld naar hun eigen rekeningen terug te sluizen.
Bij het onderzoek naar de vastgoedfraude in het najaar van 2007 waren meer dan zestig rechercheurs en dertig officieren van justitie betrokken. Ze deden invallen op meer dan vijftig adressen in Nederland.
Deel deze pagina
»
»
»