Studie: wraken rechter moet anders

Aangepast op
Binnenland

Een verzoek tot wraking van een rechter moet niet langer door rechters van dezelfde rechtbank worden beoordeeld, maar door een hogere rechter. Dat is een van de conclusies van een onderzoek dat in opdracht van de Raad voor de Rechtspraak is uitgevoerd.

Ook moet oneigenlijk gebruik van de wrakingsprocedure, bijvoorbeeld om een proces te vertragen, voorkomen worden door nieuwe maatregelen, zeggen de onderzoekers. Ze ontdekten dat de wrakingsprocedure vaak wordt ingezet als partijen in het proces het niet eens zijn met de behandeling van de zaak.

Daarvoor is wraking niet bedoeld, zeggen de onderzoekers. Het wraken van een rechter mag alleen als er wordt getwijfeld aan de onpartijdigheid van de rechter.

Oneigenlijk gebruik

Oneigenlijk gebruik van de procedure kan volgens het advies worden tegengegaan door de wrakende partij (bijvoorbeeld een verdachte en zijn advocaat) te laten opdraaien voor de kosten van de procedure.

Het aantal wrakingsverzoeken is de afgelopen jaren flink gestegen. In 2007 waren het er 248 en in 2011 al 557. De meeste verzoeken werden afgewezen.