'Nederland wilde Poch vervolgen'

Aangepast op
Binnenland

Door redacteuren Robert Bas en Hugo van der Parre

Geert-Jan Knoops, de Nederlandse advocaat van Julio Poch, zegt dat Nederland een eigen rechtszaak wilde voeren tegen de oud-Transavia-piloot, maar de zaak uit handen heeft gegeven aan Argentinië. De advocaat zegt dat hij over een document beschikt dat dat bewijst. Knoops wil dat het Openbaar Ministerie hem inzage geeft in het complete dossier over Poch.

Poch wordt verdacht van betrokkenheid bij de zogeheten dodenvluchten tijdens het Videla-regime in Argentinië in de jaren 70. Daarbij werden tegenstanders van het regime verdoofd en boven zee uit vliegtuigen gegooid.

Het document dat Knoops in handen heeft is het aanvullende rechtshulpverzoek dat officier van justitie Ward Ferdinandusse in oktober 2008 aan Argentinië heeft gestuurd. Ferdinandusse stelt zijn collega in Argentinië een aantal vragen over de dodenvluchten en vraagt om "bewijsmateriaal in de Nederlandse strafzaak tegen genoemde verdachte". Knoops ziet hierin een duidelijke aanwijzing dat Justitie toen werkte aan een eigen vervolging van Poch.

Diner Bali

Argentinië heeft nooit gereageerd op de vragen van Ferdinandusse. Wel komt twee maanden later de Argentijnse onderzoeksrechter Torres naar Nederland. Op het politiebureau van Amstelveen verhoort hij drie piloten van Transavia die getuigenissen afleggen tegen Poch. Twee van hen waren aanwezig bij het beruchte diner op Bali in 2003, waar Poch verteld zou hebben over de dodenvluchten.

Volgens Knoops wijst dit er op dat Nederland in de periode oktober-december 2008 het initiatief in deze zaak is kwijtgeraakt aan Argentinië. Volgens hem moet duidelijk worden hoe dat is gegaan. Immers, zo zegt hij, als Argentinië geen antwoord heeft kunnen geven op de vragen van Nederland, is dat een aanwijzing dat er geen nadere bewijzen zijn voor Pochs betrokkenheid en heeft Nederland in 2009 op verkeerde gronden meegewerkt aan de overlevering van een landgenoot.

Vluchtgegevens

Een woordvoerder van het OM stelt in een reactie dat Nederland op grond van het Anti-Foltervedrag verplicht was de Argentijnen te melden dat Poch naar Spanje ging, waar hij uiteindelijk werd aangehouden. Argentinië had via Interpol verschillende keren om de vluchtgegevens van Poch gevraagd. Met de Argentijnen zijn volgens hem geen afspraken gemaakt over de aanhouding van Poch.

Volgens de woordvoerder had het onderzoek naar Poch hetzelfde doel als ieder ander strafrechtelijk onderzoek: vaststellen of sprake was van misdrijven en als dat zo was, bij voldoende bewijs vervolgen. Dat het zover niet is gekomen, komt doordat Argentinië in 2008 liet weten Poch zelf te willen vervolgen, aldus het OM.