»
Rosenfeld, Shapiro en Orton-Toliver tijdens de show.
Boom Chicago Door redacteur Lambert Teuwissen
"Ik heb me als komiek nog nooit zo nutteloos gevoeld." Boom Chicago-lid Jon Rosenfeld was op 11 september 2001 in New York. "Ik wilde bloed geven, maar er stond een te lange rij. Ik wilde helpen. Heb je ervaring met puinruimen, werd me gevraagd. Nee. EHBO? Nee. Kun je helpen met een bergingsteam? Mijn beste oplossing was: nee, maar ik wil er wel grappen gaan maken. Totaal nutteloos. In een stad met 8 miljoen mensen was ik het achtmiljoeneneerste wiel aan de wagen."
Rosenfeld treedt deze week met Greg Shapiro en Michael Orton-Toliver op in '9/11 Forever' van Boom Chicago. In de show testen ze of er gelachen kan worden om de aanslagen. Welke humor is toegestaan en wat is taboe?
"Cabaretiers zoals ik begonnen onmiddellijk na 9/11 met grappen schrijven. Zo gaan wij met zo'n situatie om", stelt Rosenfeld. Shapiro valt hem bij. "Wij spelen in onze optredens in op het nieuws, dus ook op die dag verzon ik grappen. Ik heb er alleen niet een van gebruikt."
Galgenhumor
Na 9/11 zat de VS even niet te wachten op humor. Ironie werd in de media doodverklaard; Bill Maher werd onmiddellijk van de buis gehaald toen hij schamper opmerkte dat de terroristen dapperder waren dan de VS "omdat wij raketten in tenten schoten, maar zij in het vliegtuig bleven zitten"; Gilbert Gottfried werd weggehoond toen hij grapte dat hij geen directe vlucht naar Californië kon krijgen, "maar een tussenstop in het Empire State Building moest maken".
Volgens Rosenfeld was het allemaal een kwestie van timing. "Ik geloof sterk in galgenhumor. Maar niet tegen de echtgenote van de man die net opgehangen gaat worden." Als voorbeelden van geslaagde humor noemt hij bijvoorbeeld de satirische nieuwssite The Onion, die twee weken na de aanslagen de reeks Holy fucking shit: America under attack startte, met koppen als 'Boze God legt 'gij zult niet doden' uit' en 'Kapers verrast dat ze in hel zijn'.
Rosenfeld: "Ik weet niet of het voor iedereen geldt, maar mij gaf dat catharsis. Dankzij komedie kon je grip krijgen op de situatie."
Hypocrisie
Ook regisseur Andrew Moskos van 'Forever 911' ziet daar een belangrijke taak weggelegd. Zaken bespreekbaar maken en aan de kaak stellen. "Er waren veel besluiten en sommigen daarvan waren dom. Dat inspireert." Rosenfeld valt hem bij. "In alles zit hypocrisie en ironie. Ik heb er een hekel aan dat omdat iets mensen raakt, je niet meer mag zeggen wat er mis mee is. Hoe we genept zijn en hoe we hier zijn beland."
Moskos vergelijkt het met de hofnar van vroeger. "Komieken hebben meer invloed dan je zou denken. Het begint met een grap die in goede aarde valt, op tv geciteerd wordt en in de krant. Dan volgt er ineens debat. Denk aan Youp van 't Hek die Buckler de das omdoet. Of Saturday Night Live, waarin Tina Fey duidelijk maakt dat Sarah Palin geen frisse wind was, maar gewoon dom."
Te pril
Volgens Moskos volgt uit die gedachte heel natuurlijk waar wel en waar niet over gegrapt kan worden. "De beste onderwerpen zijn de mensen die wat plaagstootjes verdienen. De omgekomen brandweermannen inspireerden ons eigenlijk ook niet. Het was geen zelfcensuur of zo, maar ze waren het gewoon niet waard om aan te vallen."
Dat daarbij soms een grens wordt overschreden, neemt Moskos voor lief. "Het is absoluut niet erg om mensen te beledigen. Als je niemand beledigt, wordt het sleets. Neem Jay Leno, die beledigt niemand, maar raakt ook niemand. Ik beledig liever dan dat ik verveel."
Shapiro gebruikt die momenten om het publiek een spiegel voor te houden. "We spelen er ook mee: oh, dus je wilt niet lachen om dit, maar om dat lach je wel. We hebben ook grappen over Anne Frank en dan gaan de mensen van 'oooh'. Is dat dan nog te pril?"
Deel deze pagina
»
»
»