Amsterdamse gevels verbergen het slavernijverleden van Nederland

NOS
Geschreven door
Annemieke van Put
Beeldredacteur NOS

The Grand Hotel in Amsterdam is tegenwoordig een vijfsterrenhotel, maar waarschijnlijk weten weinig mensen dat dit luxe pand in de zeventiende eeuw korte tijd het hoofdkwartier was van de West-Indische Compagnie, die zich onder meer bezighield met slavenhandel.

Het hotel is een van de plekken in Amsterdam waar het slavernijverleden zichtbaar is, er zitten versieringen op de gevel die eraan herinneren. Andere plekken laat de Surinaams-Amerikaanse Jennifer Tosch zien in haar Black Heritage Tours.

"Die bezienswaardigheden waar we zo vaak langslopen, daarvan realiseren we ons niet hoe erg ze zijn verbonden met het verleden. Bewustwording is de eerste stap", vertelt Tosch. Wij liepen een dag met haar mee in aanloop naar Keti Koti, de slavernijherdenking die morgen plaatsvindt. Bekijk hieronder de video:

'Het verleden beïnvloedt ons iedere dag'
Wij liepen een dag mee met Jennifer Tosch in aanloop naar Keti Koti, de slavernijherdenking die morgen plaatsvindt.

Tosch kwam vijf jaar geleden naar Nederland om op zoek te gaan naar de geschiedenis van haar Surinaamse (voor)ouders. Ze was verbaasd over hoe weinig er was gedocumenteerd uit die tijd.

"Toen ik met mijn zoektocht begon werd mij verteld dat dit land geen zwarte erfenis heeft. Dat alles in de koloniën had plaatsgevonden. Dat was voor mij een kantelpunt, hierdoor ging ik anders naar deze geschiedenis kijken."

Volgens Tosch is er nog veel werk te verrichten. Nederlanders zijn volgens haar vaak gefocust op de geschiedenis van het Britse, Franse of Duitse rijk, maar 'vergeten' vaak hun eigen verleden.

Het Spinhuis aan de Spinhuissteeg was een tuchthuis voor vrouwen NOS

"We - zwarte en witte mensen en alles daartussenin - moeten realiseren dat dit niet iemand anders zijn geschiedenis is. Dit is ónze geschiedenis en we zijn daar allemaal onderdeel van. Wat voor rol jouw familie ook heeft gespeeld. Het is niet zij en wij, het is ónze geschiedenis."

Morgen is in het Oosterpark het eerdergenoemde Keti Koti (verbroken ketenen), het jaarlijkse festival op 1 juli waarmee het einde van de slavernij wordt gevierd. Het is dan precies 154 jaar geleden dat er officieel een einde kwam aan de tijd dat West-Afrikanen als slaaf moesten werken in de Nederlandse koloniën Suriname en de Antillen.

In 1863 werd op papier de slavernij afgeschaft, maar het was niet het einde van slavernij.

Jennifer Tosch

Een belangrijk moment om bij stil te staan, zegt Tosch. "Het dwingt ons te kijken naar de onafgemaakte zaken. Hoe eerder we dat erkennen en accepteren dat het beschamend is, hoe beter. Het is wat het is. Het gebeurde nou eenmaal."

Voor de meeste nazaten is Keti Koti een viering, al wordt de viering ook door sommigen betwist. Niet iedereen in de gemeenschap ziet deze dag als een feest. "In 1863 werd op papier de slavernij afgeschaft, maar het was niet het einde van slavernij", zegt Tosch. "Mensen werden nog zeker tien jaar gedwongen te blijven werken op de plantages in Suriname. Dus voor veel mensen is het geen dag om te vieren."

De NOS doet morgen verslag van de nationale herdenking van het slavernijverleden bij het slavernijmonument in het Oosterpark in Amsterdam op NPO 2 en NOS.nl, van 13.00 - 14.35 uur.

Bekijk hieronder de online special over de rol die slavenhandel en slavernij speelden in de driehoekshandel waarmee Nederland rijkdom vergaarde in de Gouden Eeuw.

Bekijk de special over het Nederlandse slavernijverleden