Particuliere experts willen verdachte sterfgevallen onderzoeken

ANP

Een particulier team van deskundigen wil nabestaanden helpen door onderzoek te doen naar verdachte sterfgevallen. Volgens de initiatiefnemers zien de officiële autoriteiten misdrijven te vaak over het hoofd.

Jaarlijks overlijden naar schatting meer dan honderd mensen zonder dat duidelijk is wat de doodsoorzaak is. Nabestaanden die de dood van een familielid of vriend niet vertrouwen, kunnen een zaak aanmelden bij het team. Daarin zitten oud-rechercheurs, advocaten, forensisch pathologen en andere onderzoekers die de dossiers willen bekijken.

"We weten in Nederland in veel gevallen niet eens bij benadering waar mensen aan overlijden", zegt patholoog-anatoom Frank van de Goot. "Het aantal zaken waarin overduidelijk sprake is van een misdrijf, zoals slachtoffers met steekwonden en schotwonden, neemt af. Maar in Nederland zijn volgens de officiële cijfers bijvoorbeeld amper gifmoorden. Dat lage cijfer is niet gek, want daar worden lichamen niet op onderzocht. Het echte aantal kan dus hoger liggen."

Sectie

Vroeger liet het Openbaar Ministerie veel vaker sectie uitvoeren dan tegenwoordig. In 2015 slechts 279 keer, tegenover 617 keer in 2005. Volgens onderzoekers van het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) komt dat doordat er bij twijfel over de doodsoorzaak minder vaak tot autopsie wordt overgegaan.

De initiatiefnemers van het project 'Doodsoorzaak: Onbekend' willen met hun particuliere onderzoek aantonen dat er misdrijven worden gemist. Als dat inderdaad aangetoond kan worden, moet de politiek maatregelen nemen, vinden ze.

Het NFI zei in november nog zich zorgen te maken over de lijkschouw in Nederland. Volgens het NFI zijn in 2015 naar schatting 20 tot 25 misdrijven met dodelijke afloop gemist, doordat de lichamen na een eerste schouw niet verder zijn onderzocht.