Belastingdienst maakte ruim 500 afspraken met bedrijven

ANP

De Nederlandse Belastingdienst heeft in 2016 539 belastingafspraken gemaakt met bedrijven en organisaties. Dat blijkt uit een brief die staatssecretaris Wiebes eind van de middag naar de Tweede Kamer stuurde. In het jaar daarvoor werden nog 642 afspraken gemaakt.

Volgende week donderdag debatteert de Tweede Kamer met de staatssecretaris over belastingafspraken voor multinationals. Over die afspraken is veel discussie. Ze worden door bedrijven ook gebruikt om belasting te ontwijken, zoals Starbucks.

Niet duidelijk is met welke bedrijven de Belastingdienst afspraken heeft of met wat voor type bedrijven of de grootte van de bedrijven.

Belastingontwijking

De afspraken, zogenoemde rulings, geven bedrijven die in meerdere landen actief zijn duidelijkheid over de belasting die ze moeten betalen in Nederland. Dat draagt volgens de staatssecretaris bij aan de rechtszekerheid van burgers en bedrijven. Het maakt ook efficiënt en effectief toezicht door de Belastingdienst mogelijk.

Maar in combinatie met de verschillen tussen landen in belastingregels kunnen de rulings ook gebruikt worden bij belastingontwijking. Doordat hier geen dubbele belasting hoeft te worden betaald, gaan veel fiscale constructies via Nederland. "De kern van het probleem zit niet in de Nederlandse wet- en regelgeving, maar Nederland wordt wel gebruikt in structuren die uiteindelijk leiden tot ontwijking", schrijft de staatssecretaris.

Er zijn grofweg twee soorten afspraken: Advance Tax Rulings (ATR) en Advance Pricing Agreements (APA). Een ATR geeft het bedrijf zekerheid over hoe de belasting wordt geheven en over welk deel in Nederland belasting betaald moet worden. In een APA wordt bepaald welke waarde een product of dienst heeft bij het bepalen van de belasting.

Aantal belastingafspraken

2010201120122013201420152016
ATR355408468441429406348
APA205248247228203236191

Fiscaal concurrerend

Vanwege de duidelijkheid die het schept voor belastingplichtigen wil de staatssecretaris niet af van de rulings. Wel moet volgens hem worden voorkomen dat die gebruikt worden voor belastingontwijking. Daarvoor is volgens hem verdergaande verbetering van de gegevensuitwisseling tussen verschillende landen nodig.

Nederland moet daarin samen optrekken met andere landen, schrijft hij. Ons land moet belastingontwijking aanpakken en tegelijkertijd werken aan een aantrekkelijk vestigingsklimaat. "Ook in fiscaal opzicht".

Soevereiniteit

Dat samen optrekken met andere landen betekent overigens niet dat er snel één Europees belastingregime te verwachten is. Zo schrijft hij: "Een minimumtarief voor de vennootschapsbelasting ligt echter nog (te) gevoelig binnen de EU, omdat veel lidstaten dit zien als een inbreuk op hun soevereiniteit op het gebied van de directe belastingen."