Mag een farmaceut de medicijnprijzen zomaar verhogen?

Apotheker Jaap Uithof toont een potje Slow K NOS | Marc-Robin Visscher

Medicijnen waar geen patent meer op rust, maar die nog wel van belang zijn voor sommige mensen. Geneesmiddelenfabrikanten gaan er steeds vaker mee aan de haal. Een van de middelen die sinds begin deze maand fors duurder zijn geworden is Slow K.

Slow K is de merknaam van een specifieke dosering kaliumchloride. Artsen schrijven het middel voor aan patiënten die een tekort aan kalium hebben. Dat kan bijvoorbeeld veroorzaakt worden door ziekte of door het gebruik van andere medicijnen.

Tot en met december 2016 was Slow K in Nederland geregistreerd door fabrikant Novartis. Daarna nam het bedrijf Essential Pharmaceuticals de registratie over. Die nieuwe fabrikant heeft de prijs van Slow K en drie andere middelen flink verhoogd.

Verschil van bijna 17 euro

De inkoopprijs van Slow K bij Novartis was 2,84 euro per 100 tabletten. Essential Pharmaceuticals hanteerde eerst nog dezelfde inkoopprijs, maar heeft die per 1 maart verhoogd naar 19,70 euro.

In het Geneesmiddelenvergoedingssysteem (GVS) is afgesproken dat de maximale prijs die zorgverzekeraars voor dit middel vergoeden, 3,55 euro is. Het verschil tussen dat bedrag en de nieuwe prijs komt voor rekening van de patiënt, als bijbetaling. En er is geen ander middel beschikbaar waarvoor die eigen bijdrage niet geldt.

Bovenop het eigen risico

Stichting Farmaceutische Kengetallen (SFK) heeft op basis van cijfers van 2016 berekend dat de gemiddelde gebruiker per jaar 60 euro extra gaat betalen en dat 10 procent van de gebruikers zelfs meer dan 150 euro gaat bijbetalen. Dat zijn bedragen die boven op het eigen risico komen.

De totaalomzet voor Essential Pharmaceuticals zal bij gelijkblijvend gebruik stijgen van 275.000 euro tot 1,9 miljoen euro per jaar, verwachten de koepel van apothekers (KNMP) en SFK. Ruim 1,5 miljoen euro daarvan komt via de eigen bijdrage voor rekening van de gebruikers. 

Camcolit, Slow K en Norgalax NOS | Marc-Robin Visscher

Om welke middelen gaat het?

Essential Pharmaceuticals is gevestigd in Engeland en is sinds 2016 actief op de Nederlandse markt. Sindsdien heeft het bedrijf vier middelen geregistreerd, die eerder voor een veel lagere prijs door andere fabrikanten werden verkocht. Volgens de Stichting Farmaceutische Kengetallen (SFK) gaat het om deze middelen.

- Slow K, een medicijn voor patiënten met een tekort aan kalium. Er zijn ongeveer 28.000 gebruikers. Sinds Essential Pharmaceuticals de registratie heeft overgenomen van Novartis is de inkoopprijs voor de apotheek gestegen van 2,84 euro per honderd tabletten naar 19,70 euro.

- Camcolit, een medicijn bij manische depressiviteit, wordt verstrekt op zeer specifiek voorschrift. Er zijn zo'n 14.000 gebruikers. Sinds Essential Pharmaceuticals de registratie heeft overgenomen van Norgine, ging de inkoopprijs voor honderd tabletten van 4,76 naar 16,77 euro.

- Norgalax, een laxeerklysma. Er zijn ongeveer 2200 gebruikers. De inkoopprijs ging van 4,95 euro per zes flacons bij Norgine, naar 33,50 euro per zes flacons bij Essential Pharmaceuticals.

- Calcitonine, een injectie die bij te hoog calcium en de ziekte van Paget wordt gegeven. Jaarlijks worden zo'n 5500 injecties bij de zorgverzekeraars gedeclareerd. Sinds Essential Pharmaceuticals de registratie heeft overgenomen van Sandoz, ging de inkoopprijs van 37,06 euro voor vijf injectieflacons naar 275 euro. Omdat voor dit middel geen vergoedingslimiet geldt, leidt deze prijsstijging niet tot een bijbetaling voor patiënten. De hogere prijzen komen wel voor veel gebruikers ten laste van het eigen risico.

Apothekers zien ook andere voorbeelden, maar de KNMP noemt de bovenstaande prijsstijgingen het meest acuut en extreem.

Norgalax ging per zes flacons van 4,95 euro naar 40 euro NOS | Marc-Robin Visscher

Medicijnenprijs verhogen, mag dat?

Ja, dat mag. In Nederland beoordeelt het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG) de werkzaamheid, risico's en kwaliteit van geneesmiddelen voor mens en dier. Het CBG bepaalt op basis van aangeleverde onderzoeksresultaten of een middel veilig en werkzaam genoeg is om in de schappen terecht te komen.

De farmaceut mag zelf de prijs bepalen waarvoor apothekers het middel kunnen inkopen. Volgens de Wet geneesmiddelenprijzen (WGP) mag de prijs niet hoger zijn dan de gemiddelde prijs in onze buurlanden. Maar als een bedrijf in al die landen registratiehouder van het middel is, bepaalt het dus eigenlijk grotendeels zelf die prijs.

Via deze wet werd bijvoorbeeld wel voorkomen dat Essential Pharmaceuticals de prijs van het middel Camcolit verhoogde van 4,76 euro naar 69 euro. De fabrikant zou hiermee een 'economisch delict' begaan. Vervolgens verhoogde het de prijs tot 16,77 euro.

Welke kosten maakt de farmaceut?

Farmaceuten geven geld uit aan onder meer onderzoeks-, ontwikkelings- en productiekosten. Die kunnen heel hoog zijn, als het bijvoorbeeld gaat om een volledig nieuw medicijn. En lang niet elk veelbelovend medicijn wordt een succes. 

Veel ontwerpen sneuvelen al in het ontwikkelingsstadium, als een deel van de kosten dus al gemaakt is. Ontwikkelingskosten kunnen ook omhoog gaan als bijvoorbeeld grondstoffen (tijdelijk) schaars zijn.

Per geregistreerd middel betaalt de farmaceut het CBG een vast tarief, een jaarlijkse vergoeding. Als het ene bedrijf stopt met de productie van het middel en het andere bedrijf registreert hetzelfde middel onder een nieuwe naam, dan moet het nieuwe bedrijf die jaarlijkse vergoeding gaan betalen. Mogelijk betaalt het bedrijf ook overnamekosten aan het vorige bedrijf. Over die kosten moeten de bedrijven onderling afspraken maken.

Winstoogmerk

Farmaceutische bedrijven zijn commercieel en hebben dus een winstoogmerk. Ze opereren in een vrije markt en mogen hun prijzen zelf bepalen en erop concurreren. De bedrijven hebben geen verplichting om transparant te zijn over de opbouw van hun kosten.