Razendsnel alternatief voor wifi: infraroodstralen

Internet in de trein ANP

Draadloos internet dat nooit overbelast raakt en veel sneller is dan het huidige wifi. Volgens onderzoekers van de TU Eindhoven is draadloos internet met infraroodstralen de oplossing voor de huidige problemen met wifi.

"Iedereen weet dat het als het druk is, de capaciteit van wifi afneemt", zegt hoogleraar Ton Koonen. "Dat komt doordat wifi werkt met radiogolven. Als u met meerdere apparaten op het netwerk zit, moet u de capaciteit van die ene wifi-antenne in huis delen. Je hebt als het ware een grote taart en iedereen krijgt een klein stukje."

Daarnaast kan ook het wifi-signaal van de buren voor storingen zorgen.

Lichtbundels

Bij het infraroodsysteem worden er lichtbundels de kamer in gestuurd naar de verschillende apparaten. Elk apparaat krijgt een eigen lichtbundel. 

Volgens Koonen kan op die manier het internet in de trein bijvoorbeeld een stuk beter worden. "Je kunt door de hele coupé op het plafond zenders monteren en op die manier naar iedere zitplaats een straal sturen. Die deel je niet met anderen. Iedereen krijgt de volledige taart."

'Iedereen krijgt internet via een eigen lichtbundel'

Onderzoeker Ton Koonen vertelt in het NOS Radio 1 Journaal over draadloos internet met infrarood.

In Eindhoven werken ze al een paar jaar aan de techniek. Nu hebben ze het voor het eerst werkend gekregen in het lab.

Over een afstand van 2,5 meter werd een snelheid gehaald van 42,8 gigabit per seconde. Ter vergelijking, dat is ruim honderd keer sneller dan een heel goede wifi-verbinding. "Het overzetten van een film kan in een seconde", zegt Koonen.

Nadelen 

Er zitten niet alleen maar voordelen aan het systeem. De stralen kunnen weliswaar apparaten in de kamer volgen, maar ze kunnen niet door muren heen. In elke kamer moet dus een eigen lichtantenne worden gemonteerd. En wie thuis een trage internetverbinding heeft, kan ook met dit systeem de snelheden niet opschroeven. 

Het lijkt ook nog jaren te duren voordat het systeem in de praktijk wordt gebracht. "Dat hangt er ook van af hoeveel inspanningen worden geleverd om het door te ontwikkelen", zegt Koonen. "De techniek is op zich niet zo complex, maar ik denk dat je al gauw een paar jaar verder bent."

Ook op andere universiteiten en onderzoeksinstituten wordt er onderzoek gedaan naar de techniek of varianten daarvan.