»
Dutchbat tijdens de val van Srebrenica
NOS Door buitenlandredacteur Esther Bootsma
Het Nederlandse Srebrenica-trauma speelt voor de Amerikanen een grote rol, in hun pogingen Nederland te overreden tot deelname aan de oorlog tegen terreur. De NOS speurde de Amerikaanse ambtsberichten van WikiLeaks door op zoek naar de term Srebrenica, als reactie op een oproep via NOS Net.
Jaar na jaar analyseren de Amerikanen hoe ver de Nederlanders zijn in de verwerking van Srebrenica en of de tijd al rijp is voor gevechtsmissies. "De erfenis van Srebrenica kan ertoe leiden dat de Nederlanders zoeken naar minder zware verantwoordelijkheden", schrijft de ambassade in januari 2004, vlak voor een bezoek van minister Bot aan Washington. "Duidelijk vragen wat we willen, vooral als we willen dat de Nederlanders een PRT (provinciaal reconstructieteam) leiden of troepen bijdragen aan OEF (operation Enduring Freedom), kan degenen in Nederland helpen die voor een robuuste Nederlandse deelname zijn."
Nederland levert dan al troepen aan de stabilisatiemissie in Irak en heeft onder meer Apaches ingezet in Afghanistan. Te weinig, vinden de Amerikanen. "We denken dat het bezoek van minister Bot een goed moment is om samen te erkennen hoe waardevol deze contributies zijn en er bij de Nederlanders op aan te dringen om méér te doen." De Amerikanen hopen vooral dat we special forces in Afghanistan gaan inzetten. Tussen haakjes schrijven ze: "nb. Het Nederlandse leger heeft niet meer meegedaan aan gevechtsoperaties sinds 1962 in het voormalige Nederlands Nieuw-Guinea".
Geobsedeerd
De Amerikanen verklaren de Nederlandse terughoudendheid voor een groot deel door de val van Srebrenica. "Nederlandse politici zeggen dat ze hun onschuld zijn verloren in Srebrenica. Begin jaren negentig koesterden de goedbedoelende Nederlanders nog de illusie dat ze vrede en stabiliteit konden brengen door middel van vredeshandhaving. De tragedie van Srebenica opende ruw hun ogen", schrijven ze in 2000.
"Sinds de val van de enclave Srebrenica in 1995 nemen Nederlandse politici hun besluitvormingsproces over vredeshandhaving voortdurend onder de loep, om ervoor te zorgen dat Nederlandse troepen nooit meer in zo'n onmogelijke positie komen. Nederlandse deelname aan operaties voor vredeshandhaving kan niet langer als vanzelfsprekend worden beschouwd."
De Nederlandse politiek is volgens de Amerikanen "geobsedeerd" geraakt met het analyseren van vredesoperaties. "Al deze inspanningen laten een koortsachtige zoektocht zien naar objectieve criteria voor deelname aan vredesmissies. Maar ze geven ook blijk van aanzienlijke onderliggende emotionele bedenkingen. Risicomijden lijkt vandaag het devies in Den Haag."
Ommekeer
Pas in 2006 is er volgens de Amerikanen sprake van een ommekeer. Nederland "slaat de bladzijde om", schrijft de ambassade begin 2006 aan de vooravond van het besluit troepen te sturen naar Uruzgan. Volgens topambtenaren De Gooijer en De Groot is dit vooral te danken aan de hoogste NAVO-commandant in Europa, generaal Jones, die voor het parlement betoogde dat ISAF niet kon worden vergeleken met Srebenica. Zijn toespraak gaf "de uiteindelijke doorslag die nodig was om de PvdA aan boord te krijgen", zeiden de Nederlandse ambtenaren.
Ook danken ze de Amerikaanse ambassade voor het geven van "noodzakelijke assistentie, terwijl ze ondertussen op de achtergrond blijft".
Opmerkelijk is de Amerikaanse suggestie eind 2006 dat Nederland de militaire missie naar Afghanistan zelfs letterlijk gebruikt als middel om het trauma van Srebrenica te verwerken. "Terwijl Kamp openlijk roept dat Nederland verder moet, bekennen contacten van onze militaire attaché dat het Nederlandse leger onder vier ogen Dutchbatters een kans biedt op verlossing, door te dienen in Afghanistan - een eigenaardig aanbod, als je kijkt naar Kamps verklaringen dat Dutchbat al veel te lang heeft geleden."
Verkiezingen
Kamp doet er volgens de Amerikanen alles aan om het "minderwaardigheidscomplex" te bestrijden dat de Nederlandse militaire leiding heeft overgehouden aan Srebrenica. Maar ze stellen wel vraagtekens bij de timing van zijn uitreiking van speciale onderscheidingen aan Dutchbatters, op 4 december 2006. "Sommige critici suggereren dat de onderscheiding is bedoeld om een sterk, verenigd Nederlands leger te belichten en daarmee af te leiden van beschuldigingen van Nederlandse lafheid in Afghanistan", schrijft de ambassade. Vlak daarvoor hadden Canadese militairen immers beweerd "dat de Nederlanders niet het lef hebben dat nodig is om de Talibanstrijders in Afghanistan op te jagen en te doden".
Nederlandse topambtenaren noemen de bewering dat Kamp met de onderscheidingen aan Dutchbat de aandacht van deze beschuldiging wil afleiden "belachelijk". Joop Nijssen van het ministerie van Defensie zegt tegen Amerikaanse diplomaten dat de regering de onderscheiding al eerder had willen uitreiken, "maar bang was dat de kwestie zou worden gepolitiseerd tijdens de campagne voor de parlementsverkiezingen" (op 22 november 2006). Omdat de VVD flink verloor bij die verkiezingen en waarschijnlijk niet zou terugkeren in het kabinet, wilde minister Kamp de onderscheidingen nog snel uitreiken voor hij zou aftreden. Vandaar deze timing, aldus zijn ambtenaren.
Mladic
Na 2006 verdwijnt het drama Srebrenica grotendeels uit de Amerikaanse ambtsberichten uit Den Haag. In Brussel speelt de kwestie nog wel een rol, in de discussie over toetreding van Servië tot de Europese Unie. Nederland eist lange tijd dat de Serviërs eerst Mladic uitleveren aan het Joegoslavië-tribunaal, voor de EU hierover akkoorden met Servië kan sluiten.
Minister Verhagen van Buitenlandse Zaken haalt zich in 2009 in Brussel de woede op de hals van zijn Britse collega Miliband en Zweedse collega Bildt, met zijn harde opstelling tegenover Servië. Dit horen Amerikaanse diplomaten van een "contact uit een bevriend land". Die verklaart Verhagens stijfkoppigheid niet zozeer voortkomt uit de erfenis van Srebrenica, maar vooral uit "zijn verlangen om hard over te komen in de Nederlandse politiek".
Deel deze pagina
»
»
»
»
»