Zes hogescholen hangt strafkorting boven het hoofd

Studenten in collegebanken ANP

Mogelijk krijgen zes hogescholen minder geld. Een commissie heeft in opdracht van minister Bussemaker beoordeeld of universiteiten en hogescholen zich houden aan de 'prestatieafspraken'. De commissie is over het algemeen positief, maar zes hogescholen krijgen op één van de drie beoordeelde aspecten een onvoldoende.

Het gaat om Fontys, InHolland, de Hogeschool Leiden, de Hogeschool Rotterdam, NHL en Vilentum. Ze scoren volgens de commissie niet goed genoeg op het onderdeel 'studiesucces': dat gaat onder meer over het aantal studenten dat de opleiding met een diploma verlaat.

Evaluatie

Bussemaker beslist binnen een paar weken of ze de onderwijsinstellingen strafkortingen oplegt. Kort daarna komt er een evaluatie van de prestatieafspraken en het is niet uitgesloten dat de regels dan weer op de schop gaan.

De prestatieafspraken met het hoger onderwijs werden in 2012 gemaakt door toenmalig staatssecretaris Zijlstra. Ze waren bedoeld om de kwaliteit van het onderwijs te verbeteren en meer studenten met succes te laten afstuderen.

Meer verschillende opleidingen

De 'Reviewcommissie Hoger Onderwijs en Onderzoek' geeft nu een positief advies over alle universiteiten en over de meeste hogescholen. Volgens de commissie is de kwaliteit van het onderwijs in het algemeen verbeterd. Dat blijkt onder meer uit de groei van het aantal excellente studenten dat een extra opleiding volgt en uit de toename van het aantal contacturen.

De commissie constateert ook dat de instellingen in het hoger onderwijs meer verschillende soorten opleidingen aanbieden en dat meer docenten didactische vaardigheden hebben.

Leerfabrieken

Het percentage studenten dat een universitaire opleiding met succes afrondt is gestegen; bij hogescholen is het juist licht gedaald.

Het Interstedelijk Studenten Overleg zegt in een reactie dat de commissie te veel heeft gekeken naar het studiesucces. "Die focus is eenzijdig en vooral cijfermatig. We stomen studenten klaar voor de samenleving, het zijn geen robots uit leerfabrieken."