Eén op tien stembureaus niet open met Oekraïne-referendum

ANP
Geschreven door
Joost Schellevis
Researchredacteur

Bij het Oekraïne-referendum in april zijn in sommige gemeenten fors minder stembureaus beschikbaar. Dat blijkt uit een enquête van de NOS waaraan 323 van de 390 Nederlandse gemeenten meewerkten. Gingen in die 323 gemeenten bij de provinciale verkiezingen vorig jaar nog ruim zevenduizend stembureaus open, nu zijn dat er zevenhonderd minder.

Het referendum gaat over het associatieverdrag dat de EU heeft gesloten met Oekraïne. Het is vorig jaar goedgekeurd door de Tweede en de Eerste Kamer, maar dat is hangende het referendum opgeschort. Delen van het verdrag zijn 1 januari wel al in werking getreden.

Volgens voorstanders gaat het verdrag vooral om economische samenwerking; tegenstanders denken dat het verdrag een eerste stap is naar een Europees lidmaatschap van Oekraïne en leidt tot problemen met Rusland.

Sterkere daling dan normaal 

De daling komt neer op een op de tien stembureaus, maar de verschillen tussen gemeentes onderling zijn groot. Zo gingen in de gemeente Oldenzaal bij de afgelopen vier verkiezingen 17 of 18 stembureaus open, maar bij het referendum in april slechts vijf. Volgens die gemeente is dat om het referendum "kostenefficiënt te organiseren". In zes op de tien gemeenten verandert er helemaal niets.

Het aantal stembureaus fluctueert sowieso per verkiezing, maar bij het Oekraïne-referendum daalt het aantal stembureaus wel opvallend hard. Tussen de Europese en de provinciale verkiezingen daalde het aantal stembureaus in de onderzochte gemeentes met slechts 95.

De hoge daling kan in sommige gevallen leiden tot langere reistijd naar een stembureau. Dat is niet in alle gevallen zo: soms waren er op dezelfde locatie meerdere stembureaus, en is er nu maar één stembureau per locatie over. Ook zetten sommige gemeentes mobiele stembureaus in, die meerdere locaties bezoeken.

In april zijn ongeveer tien procent minder stembureaus beschikbaar
Dat is veel minder dan bij de laatste verkiezingen. Aan een onderzoek van de NOS werkte zo'n driekwart van de Nederlandse gemeenten mee.

De grootste dalers

Oldenzaal: van 17 naar 5

Stein: van 19 naar 6

Nuenen: van 15 naar 5

Kaag en Braassem: van 14 naar 6

Waalre: van 9 naar 4

Bekijk de verschillen per gemeente

Bij de gemeenten Almelo, Delft, Den Bosch, Emmen, Heiloo, Hellendoorn, Oldambt en Winterswijk gaat het om voorlopige cijfers: er is nog geen officieel besluit genomen. De gemeenten Baarle-Nassau krijgt er mogelijk nog een stembureau bij; de gemeente Eijsden-Margraten mogelijk nog twee. In Leiden zijn de kiesdistricten opnieuw ingedeeld, ook voor toekomstige verkiezingen. Bron: NOS, gemeenten, Kiesraad

Oorzaak: soms referendum

Het lagere aantal stembureaus heeft niet altijd iets te maken met het referendum. De daling van het aantal stembureaus in Leiden, van 60 naar 44, komt volgens een woordvoerder van de gemeente door een herindeling van de stemdistricten, die ook bij toekomstige verkiezingen wordt gehandhaafd.

Maar andere gemeenten verwachten een lagere opkomst bij het referendum, of zeggen te weinig geld van de overheid te krijgen om genoeg stembureaus te openen. "De overheid stelt minder geld beschikbaar, en het tellen van de stemmen kost waarschijnlijk minder tijd dan bij een reguliere verkiezing", aldus een woordvoerder van de gemeente Barneveld, waar het aantal stembureaus daalt van 38 naar 20.

De gemeente Kaag en Braassem zegt te verwachten dat er minder mensen komen opdagen dan bij een regulier referendum. "Met normale verkiezingen hebben we in elk dorp een stembureau", aldus een woordvoerder van die gemeente. Maar omdat de gemeente nu een lagere opkomst verwacht, worden in plaats van 14 maar 6 stembureaus geopend.

Ontevreden

"De hoeveelheid geld die de overheid beschikbaar stelt, is nu echt lager", zegt een woordvoerder van de gemeente Valkenswaard, waar het aantal stembureaus afneemt van 16 naar 9.

Ook de gemeente Rotterdam is ontevreden met de hoeveelheid geld die het Rijk beschikbaar stelt - volgens de stad is het te weinig om de werkelijke kosten van het referendum te dekken. In die stad daalt het aantal stembureaus van 363 naar 300. Het aantal stemlocaties blijft wel ongeveer hetzelfde; op sommige locaties is een van de twee stembureaus geschrapt.

De gemeente Groningen moet naar eigen zeggen 100.000 euro uitgeven om genoeg stembureaus open te houden; de vergoeding van 344.000 euro vanuit het Rijk is niet voldoende. Desondanks sluiten nog steeds 14 van de 140 stembureaus.

Verantwoording

Voor dit onderzoek benaderde de NOS alle 390 gemeenten. Daarvan gaven er 323 op tijd antwoord. Die hebben bij het Oekraïne-referendum samen 6388 stembureaus, bij de verkiezingen voor de Provinciale Staten waren dat er 7081 en bij de Europese verkiezingen 7180. Gemeenten die niet hebben geantwoord, zijn ook niet meegeteld voor de statistieken over de eerdere verkiezingen. Er is rekening gehouden met gemeentelijke herindelingen.

De NOS vroeg de 311 gemeenten die antwoord gaven hoeveel stembureaus ze van plan zijn in te zetten bij het referendum in april. Die aantallen zijn vergeleken met cijfers van de Kiesraad over de afgelopen verkiezingen. 

Hoewel stembureaus verschillen van stemlocaties, kiest de NOS ervoor om stembureaus als uitgangspunt te nemen. Over het aantal stemlocaties heeft de Kiesraad namelijk geen betrouwbare cijfers, wat vergelijken moeilijker maakt.

De cijfers zijn dinsdag om 13:48 aangepast, daarbij zijn de gegevens van 13 gemeenten toegevoegd. De statistieken over de gemeente Helmond werden verwijderd: die bleken onjuist.

Oppositiepartij SP laat de opstelling van de gemeenten, die minder stembureaus openen. "Het is onacceptabel dat sommige gemeenten het referendum niet serieus nemen", zegt Kamerlid Van Raak op NPO-radio 1. Minister Plasterk heeft de gemeenten gezegd dat het kabinet een goede organisatie van het referendum belangrijk vindt. Ook heeft hij gezegd dat het wel "kostenefficiënt" moet gebeuren, staat in een brief aan de Tweede Kamer. 

68 gerelateerde artikelen