'Het Forensisch Instituut is geen koekjesfabriek'

DNA-onderzoek ANP

Werknemers op de afdeling dna-onderzoek van het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) zijn bang voor missers, omdat de afdeling veel te veel taken toebedeeld krijgt en over minder geld kan beschikken. Volgens voorzitter Marnix Hoitink van de ondernemingsraad heerst er angst bij de onderzoekers dat de nauwkeurigheid in het geding komt vanwege de overbelasting. 

Het management legt te veel tegelijk op het bordje van de afdeling dna-onderzoek, zegt Hoitink: een bezuinigingsronde, een reorganisatie en een 'verbetertraject'. "Het NFI is geen koekjesfabriek", aldus de OR-voorzitter. 

Onlangs werd bekend dat er in 250 zaken vertraging is opgelopen. 

Daders

Hoitink kan niet zeggen of de overbelasting van de onderzoekers ertoe heeft geleid dat er daders zijn ontkomen. Maar hij wijst erop dat de werkzaamheden op de afdeling precair zijn en met zorg moeten worden uitgevoerd. 

De identificatie van de slachtoffers van vlucht MH17 legde nog eens extra druk op de onderzoekers, maar daar is "met hart en ziel" aan gewerkt, zegt Hoitink. 

Afgelopen najaar zegde de OR het vertrouwen op in NFI-directeur Woittiez. De topman is niet vertrokken en de vertrouwenscrisis is evenmin opgelost, aldus Hoitink. 

Piekbelasting

In een reactie erkent directeur Woittiez dat het "zware tijden" zijn voor de dna-onderzoekers. "We kunnen met deze piekbelasting niet alle zaken oplossen", zegt hij, maar in overleg met het OM en de nationale politie krijgen cruciale zaken   voorrang. Er is volgens Woittiez geen sprake van dat daders geprofiteerd hebben van de werkdruk bij het instituut.

Het NFI vraagt ondersteuning van collega-instituten om de drukte het hoofd te bieden. Woittiez wijst erop dat de regering per volgend jaar extra geld vrijmaakt voor de opsporing van criminelen.