'Honderden in Madaya moeten direct worden geëvacueerd'

Aangepast op
Het Rode Kruis op weg bij Madaya AFP

Honderden inwoners van de Syrische stad Madaya moeten zo snel mogelijk worden geëvacueerd. Ze dreigen anders om te komen van de honger, verklaarden VN-diplomaten na afloop van een bijeenkomst van de VN-Veiligheidsraad in New York. 

"Het is bemoedigend dat er een hulpkonvooi is aangekomen, maar dat is pas het begin", zei de Nieuw-Zeelandse VN-ambassadeur Gerard van Bohemen. "We moeten ongehinderde toegang krijgen tot alle Syriërs in nood."

Hulporganisaties en de Verenigde Naties hebben gisteren een eerste hulpkonvooi met succes bezorgd bij de inwoners van het Syrische Madaya. De 40.000 inwoners - al maanden verstoken van hulp - kregen voedsel, medicijnen en dekens uitgereikt. 

Foua en Kefraya

Verder naar het noorden, in de provincie Idlib, werden ook hulpgoederen gegeven aan de inwoners van Foua en Kefraya, plaatsen die in tegenstelling tot Madaya in handen zijn van het regeringsleger, niet van rebellen. 

"Het is koud, het regent, maar er is opwinding omdat we wat eten en dekens brengen", zei een woordvoerder van de VN over de operatie in Madaya. De goederen die vandaag werden gebracht, zijn voldoende voor ongeveer een maand, het is de bedoeling dat er donderdag nog een konvooi die kant op gaat.

Sommigen lachten en zwaaiden naar ons, maar velen waren daar simpelweg te verzwakt voor.

Woordvoerder Rode Kruis

De inwoners van Madaya waren dankbaar, zegt Juriaan Lahr van het Nederlandse Rode Kruis, "maar ze vragen ook, waarom zo laat?". Een woordvoerder van het Internationale Rode Kruis, Pawel Krzysiek, zei vandaag over de reactie van inwoners: "Sommigen lachten en zwaaiden naar ons, maar velen waren daar simpelweg te verzwakt voor."

'Concentratiekampachtige beelden'

De afgelopen weken heeft de VN een aantal keren vergeefs geprobeerd om toegang te krijgen tot Madaya. Correspondent Sander van Hoorn denkt dat de beelden van uitgehongerde inwoners, die de laatste dagen via sociale media naar buiten kwamen, een rol hebben gespeeld bij het besluit van president Assad om hulp toe te laten. "Misschien dat hij dat zelf nog niet eens zo bedacht heeft, maar dan mogelijk wel de partijen die hem steunen, met name de Russen en Iraniërs. Die zien ook wel in dat dit soort beelden veel kwaad kunnen doen (...). Dit waren concentratiekampachtige beelden."

Bij de onderhandelingen heeft Assad onder meer bedongen dat ook de plaatsen Foua en Kefraya noodhulp krijgen, benadrukt Van Hoorn. "Het is verder onduidelijk wat er is gevraagd, maar dat er een soort ruil heeft plaatsgevonden is wel duidelijk."