Aangifte doen van zedendelict wordt eenvoudiger

Politiedossiers in een zedenzaak Dagblad van het Noorden

Het wordt voor slachtoffers van een zedendelict eenvoudiger om aangifte te doen. Tijdens het intakegesprek, voorafgaand aan de aangifte, worden vanaf komende maand minder onderwerpen behandeld. Dat maakt het voor slachtoffers minder belastend om aangifte te doen.

Ook gaan zedenrechercheurs met slachtoffers overleggen over de bedenktijd die zij willen hebben om te bepalen of ze wel of geen aangifte doen.

Nu geldt nog een bedenktijd van maximaal twee weken voordat slachtoffers aangifte kunnen doen, maar dat leidde tot onduidelijkheid. Zo denken sommige rechercheurs dat slachtoffers altijd van die volle twee weken gebruik moeten maken. "Dat is een misvatting", zegt een voormalig teamchef van de politie in de Volkskrant. Door die onduidelijkheid moest een vrouw in Groningen twee weken wachten voordat ze aangifte van een zedenmisdrijf mocht doen.

Intakegesprek

Nieuw is ook dat er meer nadruk komt te liggen op 'ambtshalve opsporing'. Dat betekent dat de politie onderzoek doet, ook al heeft het slachtoffer besloten om af te zien van het doen van aangifte. 

Volgens deskundigen is het belangrijk dat het intakegesprek blijft bestaan, omdat slachtoffers tijdens zo'n gesprek worden bijgepraat over de gevolgen van een aangifte. Hun wordt onder meer verteld of de zaak juridisch haalbaar is en hoe een procedure bij de rechtbank gaat. Vaak weten slachtoffers niet dat een zaak openbaar behandeld wordt.