'Nederland was één groot veldhospitaal'

Viering Waterloodag in de 19de eeuw Uit besproken boek
Geschreven door
Lambert Teuwissen
Redacteur

Waterloodag was jarenlang een belangrijke feestdag in ons land. Om de overwinning op Napoleon te herdenken werden er 's ochtends kerkdiensten gehouden en waren er 's middags volksfeesten, parades en ging de vlag uit.

"Het was een beetje vergelijkbaar met 4 en 5 mei, maar dan op één dag", zegt Louis Sloos, schrijver van het boek Onze Slag bij Waterloo. Nu wordt de veldslag vooral als een buitenlandse aangelegenheid gezien, maar lange tijd voelden veel Nederlanders zich er nauw bij betrokken.

"Er zijn allerlei foto’s uit de 19de eeuw van Waterloodagen. Dat geeft wel aan dat men het belangrijk vond, want fotografie was iets nieuws."

Iedereen kende wel iemand die bij de strijd betrokken was.

Louis Sloos

De Slag bij Waterloo, deze maand 200 jaar geleden, leefde in ons land niet alleen omdat de slag werd uitgevochten op wat toen Nederlands grondgebied was (inmiddels België), maar ook omdat zo’n 30.000 landgenoten betrokken waren bij de strijd. "Iedereen kende wel iemand die erbij betrokken was."

"Het leger bestond voor een groot deel uit dienstplichtigen en vrijwilligers. Schutterijen werden heropgericht en een groot deel van de Nederlandse studenten zijn te wapen gekomen. Door die enorme betrokkenheid leefde het enorm."

Op de vlucht

De campagne tegen Napoleon duurde langer dan alleen de finale slag. De troepen konden pas in december weer naar huis, een half jaar na de slag. 

"Heel veel mensen denken dat het na Waterloo gelijk afgelopen was, maar de Franse troepen sloegen op de vlucht en moesten worden achtervolgd. Ze zijn Napoleon achternagegaan tot in Parijs. De Nederlandse troepen maakten ook deel uit van dat achtervolgingsleger."

Er waren 90.000 slachtoffers. Nederland was één groot hospitaal.

Louis Sloos

Ook de nasleep van de strijd liet zijn sporen na in de Nederlandse psyche. "Er waren 90.000 slachtoffers. Nederland was één groot hospitaal", zegt Sloos. Alle Brusselaars werden opgeroepen op eigen gelegenheid gewonden op te halen van het slagveld. Slachtoffers werden tot in Den Haag verpleegd. Door heel het land werden inzamelingen gehouden voor de gewonden.

"Het was een enorme reddingsoperatie. Vergelijk het met de Bijlmerramp of de Watersnoodramp, waarbij relatief kleine hoeveelheden slachtoffers vielen. Als je ziet dat die rampen nu ook nog steeds leven, dan kun je ervan uitgaan dat Waterloo helemaal een grote impact had."

Straten, pleinen, kunst en kitsch

De aandacht voor Waterloo uitte zich op verschillende manieren. Om de slag te herdenken werden er straten en pleinen naar vernoemd, met het Amsterdamse Waterlooplein als beroemdste voorbeeld. Op de plek waar de Nederlandse prins Willem van Oranje gewond was geraakt, werd een enorme piramide opgeworpen, met bovenop een triomfantelijke leeuw.

Ook was het een geliefd onderwerp voor tegeltableaus, staartklokken en andere kitsch en kunst; het grootste werk in het Rijksmuseum is nog altijd Pienemans Slag bij Waterloo. Al in 1816 kwam het Historisch spel van Waterloo op de markt, een variant van ganzenbord "bestemd om aan de Nederlandsche Jeugd den bloedigen veldslag, waarbij het Vaderland is vrijgevochten, te herinneren".

De belangstelling blijft, maar doordat er geen opleving was zoals in 1865, is het minder geworden.

Louis Sloos

De grootste herdenking van de slag vond plaats in 1865, toen een halve eeuw was gepasseerd. Er werd besloten een grote reünie van Waterloo-veteranen te houden in Leiden. Ruim 2000 oud-strijders meldden zich aan voor het feestje, onder wie prins Frederik, de broer van de koning.

"Aanvankelijk kwamen de aanmeldingen wat traag op gang, maar toen gingen de Nederlanders mensen helpen naar Leiden toe te komen. De spoorwegmaatschappijen vervoerden ze gratis, mensen in Leiden boden ze gratis onderdak."

Wereldoorlogen

Het zou de laatste grote opleving zijn van de Waterloomanie. Bij het eeuwfeest, in 1915, was Europa verwikkeld in de Eerste Wereldoorlog. "Uit piëteit met de slachtoffers is er toen niet zo veel aan gedaan", stelt Sloos. "De belangstelling blijft, maar doordat er geen opleving was zoals in 1865, is het minder geworden."

Door de Tweede Wereldoorlog kwam er definitief een eind aan Waterloodag. "Door de ellende van de oorlog was er geen aandacht meer voor. Alleen de historische belangstelling bleef toen over."