'Gesprek dader en slachtoffer positief'

Aangepast op

Door Merlijn Stoffels

Weinig slachtoffers maken gebruik van de mogelijkheid om in gesprek te gaan met daders van gewelds- of zedendelicten. Slachtoffers die dat wel doen, zijn na het gesprek minder bang.

Daders die aangesproken worden, beseffen beter wat ze hebben aangericht. Met als gevolg minder kans op recidive. Dat blijkt uit onderzoek naar slachtoffer-dadergesprekken die sinds 2007 worden gehouden.

Er is de afgelopen jaren 2585 keer een verzoek gedaan tot zo'n gesprek. In 43 procent kwam het ook daadwerkelijk tot een ontmoeting of een briefwisseling. Dat aantal is zo laag omdat gesprekken alleen mogelijk zijn als alle betrokkenen aangeven er behoefte aan te hebben. "Ook moet zowel slachtoffer als dader zuivere intenties hebben om het gesprek aan te gaan", zegt projectleider Annette Pleysier van Slachtoffer in Beeld.

Verkeerde moment

Ruim tachtig procent van de gesprekken zijn op verzoek van de daders. Dat komt volgens Pleysier vooral doordat de delinquenten in jeugdgevangenissen worden gestimuleerd om in gesprek te gaan.

Pleysier vindt het aantal slachtoffers dat om een gesprek vraagt veel te laag. Dat komt vooral door de hulpverleners, die volgens haar koudwatervrees hebben om slachtoffers bloot te stellen aan de daders. "Uit angst de problemen alleen maar erger te maken."

Daar komt bij dat de hulpverlening slachtoffers vaak op het verkeerde moment de mogelijkheid biedt om met de dader te praten, zegt Pleysier. "Meestal is dat te vroeg om de confrontatie aan te gaan."

Bivakmuts

De daders grijpen volgens Pleysier het gesprek meestal aan om excuses aan te bieden aan de slachtoffers. Ze zeggen waarom ze het delict hebben gepleegd.

Slachtoffers gebruiken het gesprek vooral om de dader in te laten zien weten welke invloed het delict op hun leven heeft gehad. Uit een enquete blijkt dat een meerderheid van slachtoffers en daders tevreden is over de gesprekken en ze als waardevol zien. Daarbij ervaren slachtoffers na afloop minder angst en woede richting de dader. Daders zeggen inzicht te hebben gekregen in de gevolgen voor de slachtoffers. Ook zijn ze geraakt door het gesprek.

Henk Jan Millenaar werd een jaar geleden overvallen in een hotel waar hij als receptionist werkt. Een gewapende jongen met bivakmuts wilde geld. De dader bleek zijn overbuurjongen te zijn. Millenaar herkende hem aan zijn stem. Het slachtoffer stemde na de arrestatie in met een gesprek.

Spijt

Hij was bang voor repressailles voor hem en zijn familie, omdat hij de jongen had aangegeven bij de politie. In het gesprek ontdekte hij dat deze angst onterecht was. Ook is hij niet meer bang om het slachtoffer in zijn straat tegen tegen te komen.

De 16-jarige dader heeft zeven gewapende overvallen gepleegd, zegt Frederiek Muller die het gesprek begeleidde. Het belangrijkste motief voor hem om zijn slachtoffers te ontmoeten, was betuigen van spijt. Muller verwacht dat de kans dat hij opnieuw in de fout gaat aanzienlijk kleiner is dankzij het gesprek.