De verzonnen vissen van Samuel Fallours

Aangepast op

Door redacteur Lambert Teuwissen

Fel gekleurde krabben, psychedelisch getinte vissen en kreeften die nog het meest lijken op veelkleurige kabukimaskers. Het is moeilijk te geloven dat dit soort opzienbarende dieren op aarde voorkomen, moet ook de 18e eeuwse tekenaar Samuel Fallours gedacht hebben. Daarom voegde hij een gezworen garantie toe aan het boek 'Poissons, Ecrevisses et Crabes' uit 1719.

"Ik verklaar dat de vissen in deze collectie door mij getekend en geverfd zijn naar het leven, gedurende een periode van twaalf jaar."

Onzin, zegt Theodore Pietsch, in de introductie van de nieuwe uitgave van de tekeningen. Fallours, in dienst van de VOC, zat niet eens twaalf jaar in de Oost, maar slechts negen. Bovendien "zijn de kleuren vaker wel dan niet volledig willekeurig gekozen en lijken in de verste verten niet op bestaande dieren."

Zeemeermin

Fallours was een van de eersten die zo structureel zeefauna tekende. Hij deed dat in opdracht van de gouverneurs van Ambon en de Molukken, die hem interessante exemplaren toespeelden. In 1719 werden zijn werken voor het eerst gepubliceerd, in twee banden van honderd bladzijden met in totaal 460 kopergravures.

Behalve de kleuren kloppen ook de patronen op de vissen niet, stelt Pietsch. Hartjes, maantjes en zelfs plaatjes van potplanten staan op de schubben afgebeeld. Verder herkende Fallours in de kop van een zeevlo een menselijk gezichtje en aan het eind van het boek komt zelfs een heuse zeemeermin voorbij.

Spectaculair

Pietsch meent dat er verschillende oorzaken ten grondslag liggen aan het bedrog. Ten eerste werden de tekeningen meerdere keren gekopieerd, waardoor waarschijnlijk fout op fout werd gestapeld. Ook zal Fallours in sommige gevallen misschien geprobeerd hebben al ontbonden vissen te reconstrueren. Dat kan verklaren waarom sommige exemplaren lijken te zijn samengesteld uit twee verschillende vissoorten.

Daarnaast kon Fallours excentrieke platen ook beter kwijt aan zijn afnemers. Hij wist dat zijn clientèle in het verre Europa blijer zouden zijn met spectaculaire tekeningen en niet zo snel achter de waarheid zouden komen.

Doejong

In de beschrijvende teksten nam Fallours ook een loopje met de waarheid. Over een Loop-Visch verklaart hij dat hij het dier drie dagen in huis hield. "Het volgde mij overal trouw, zoals een klein hondje."

Ook de zeemeermin was te gast in het huis van Fallours. "Ze werd gevangen op het eiland Bouro en gekocht van de zwarten voor twee el stof", legt hij uit. "Ze leefde vier dagen in mijn huis, in een bak met water, maar stierf van de honger omdat ze niet wilde eten."

Pietsch vermoedt dat Fallours geen zeemeermin in de badkuip hield, maar een doejong, een Indische zeekoe die wel wat wegheeft van een mens. Over waarom hij het beest borsten en lang haar toedichtte, kan na driehonderd jaar alleen maar gespeculeerd worden.

Tropical Fishes of the East Indies - Theodore Pietsch - Taschen (import: Librero) - ISBN: 9783836505192 - € 49,99