Steven Kruijswijk
ProShots Door Stefan van der Weijde
Nabij het amfitheater in Verona sloot Bauke Mollema zondag zijn eerste Giro d'Italia af. De 23-jarige Nederlander van Rabobank presteerde met een twaalfde plaats in de eindklassering boven verwachting.
"Ik ben hier heel erg tevreden mee", was kort na afloop de eerste reactie van de nuchtere Rabo-kopman. "Mijn klassering is geen superverrassing; ik wist dat ik dit kon. Als ik niet bij de beste twintig was geëindigd, was ik zeer teleurgesteld geweest."
Kopman
Bij de start van het roze spektakel in Amsterdam, ruim drie weken geleden, kreeg Mollema de status mee van kopman. Hij was de renner van wie de bankiersformatie, die niet met de winnaar van vorig jaar Denis Mentsjov, maar met een zeer jonge ploeg aan het vertrek verscheen, het meest verwachtte. "Binnenin de ploeg was mijn status als kopman niet zo uitgesproken. We hadden meer een vrijbuitersploeg."
"We hebben elkaar gestimuleerd; elke keer was er wel iemand mee in een ontsnapping", verwoordde Mollema de motivatie bij Rabobank. Hij wist dat een hoge eindklassering mogelijk was na de eerste bergrit. "De Terminillo reed ik op in een groepje met alle grote mannen."
Breukink
De twaalfde plaats van Mollema is de beste eindklassering van een Nederlander in de Giro sinds 1989, toen de huidige Rabobank-ploegleider Erik Breukink vierde werd. Sindsdien werd Gert-Jan Theunisse een keer vijftiende (1990) en eindigde Michael Boogerd een keer als zeventiende (2002). Mollema voorspelt dat hij het in de toekomst beter gaat doen. "Als ik hier volgend jaar weer deelneem, moet ik wel een paar plekken beter kunnen."
Kruijswijk verrast
Bovenop de prestatie van Mollema, wist eigenlijk de gehele Rabobank-equipe de afgelopen drie weken te verrassen. Mede door Pieter Weening (25ste), Mauricio Ardila (15de) én Steven Kruijswijk werd Rabobank tweede in het eindklassement. Laatstgenoemde eindigde op een zeer knappe achttiende positie.
De 22-jarige neoprof uit Nuenen zou in eerste instantie niet meegaan, maar na het afvallen van Koos Moerenhout en Óscar Freire kwam de tweede reserve alsnog in beeld. "Dit had niemand verwacht, ik ook niet. Elk jaar ga ik een stapje vooruit. Bij de amateurs was ik nooit de beste, maar nu bij de profs kan ik mijn mannetje staan dat is mooi."
Twee momenten waren voor Kruijswijk speciaal. "Qua prestatie was mijn derde plaats mooi, maar dat ik op zowel de Montirolo als de Zoncolan met de beste vijftien omhoog fietste... dat is een heel mooie herinnering."
Deel deze pagina
»
»
»
»
»