'Oppositie Iran wil veel, maar kan weinig'

Behnam Taebi» Behnam Taebi Foto: NOS

Door redacteur Monique van Hoogstraten

Op 11 februari wordt ieder jaar de islamitische revolutie van 1979 gevierd. Een belangrijke dag op de Iraanse kalender. De oppositie grijpt deze dag aan om opnieuw te demonstreren. Acht maanden duurt het protest tegen de verkiezingsuitslag nu al. Wat hoopt de oppositie te bereiken?

Behnam Taebi kwam als twintigjarige zoon van een Iraanse politieke vluchteling naar Nederland. Hij legt de laatste hand aan een proefschrift aan de TU in Delft, maar volgt ondertussen het nieuws over Iran op de voet.

Direct na de verkiezingen in juni was de eis van de demonstranten eenduidig en eensgezind: geef ons onze stemmen terug. Er waren aanwijzingen van fraude en volgens de oppositie was hun presidentskandidaat Mousavi de echte winnaar. Het regime gaf niet toe, installeerde Ahmadinejad als president en beantwoordde de protesten met repressie. Maar de onrust doofde niet. Integendeel: er was kennelijk iets ontketend.

Volgens Taebi was het lang gevoelde frustratie die naar buiten kwam. Bij de plattelandsbevolking vooral frustratie over verkiezingsbeloftes die president Ahmadinejad tijdens zijn eerste termijn niet had waargemaakt, bij stedelingen vooral boosheid over het ontbreken van simpele rechten. "De krant kopen die je wilt, stemmen op een kandidaat die niet eerst door een ballotage moet, gekleed gaan zoals je wilt zonder dat je de zedenpolitie achter je aan krijgt. Dat soort basale rechten."

En omdat er in Iran geen democratische wegen bestaan om dit soort rechten te krijgen, gingen mensen de straat op. Taebi ziet die massale protesten van direct na verkiezingen vooral als uitlaatklep. Uitlaatklep voor jaren opgekropte teleurstelling, woede.

Breuken
Acht maanden later is de lijst eisen veel langer geworden. Tegelijk zijn er verschillende stromingen ontstaan binnen de Groene Beweging (zoals de protestbeweging inmiddels heet naar de kleur die ze dragen).

Veel eisen worden door vrijwel iedereen gedeeld: nieuwe verkiezingen, vrijlating van de politieke gevangenen (veel demonstraten zijn immers in de cel beland), persvrijheid en onafhankelijke rechters.

De verschillen zitten 'm vooral in hoe die veranderingen tot stand moeten komen. De gematigde groep wil binnen de kaders van het bestaande systeem blijven: geen omwenteling, maar hervorming, terug naar de grondslagen van de islamitische republiek. "Ze willen opereren binnen de grondwet. Hun stelling is dat die genoeg garanties biedt voor een gelijkwaardige samenleving, het probleem is alleen dat de machthebbers die grondwet naast zich neerleggen."

Aan het andere einde van het spectrum staan groepen die afwillen van de islamitische grondslag van het land. "Ze willen een scheiding van religie en staat, en spreken al over de Democratische Republiek Iran, in plaats van over de Islamitische Republiek."

En dan zitten er nog allerlei varianten tussen. Zo zijn er ook veel mensen die wel gelovig zijn, maar zich afvragen of de staatsinrichting wel gebaseerd moet zijn op religie.

Volgens Taebi overheerst overigens tijdens de demonstraties, ondanks de ideologische verschillen, de solidariteit. Als iemand wordt aangevallen door de politie springen anderen naar voren. Dat is volgens hem de kracht van de Groene Beweging.

Scheuren in de macht
De demonstraties hebben tot nu toe weinig vruchten afgeworpen. Solidariteit is mooi, maar leidt kennelijk niet tot succes?

"Correct. Maar tegelijk zijn wel de eerste scheuren zichtbaar in het conservatieve kamp. De machthebbers vliegen elkaar in de haren. Met name over de vraag hoe ze op de demonstraties moeten reageren. De ene groep wil de demonstranten wat ruimte geven. De andere groep, waarin de Revolutionaire Garde sterk vertegenwoordigd is, denkt dat je met harde hand de oppositie wel onderdrukt. Die bepleiten zelfs de doodstraf en executies. De afgelopen tijd zijn twee demonstranten inderdaad opgehangen."

Die scheuren in de macht, die moeten dieper worden, zegt Taebi. Want veranderingen komen tot stand als de verschillende machtscentra nog meer met elkaar in conflict komen. Die belangrijkste machtcentra zijn: de geestelijk leider (de hoogste leider van het land), de president en zijn regering (en die twee zijn het vaak ook al niet meer met elkaar eens), het parlement, en de Revolutionaire Gardisten (die militaire, maar ook veel economische macht hebben). Zodra hun onderlinge verhoudingen gaan schuiven, zodra zij niet meer één machtsblok vormen, kan de oppositie iets gedaan krijgen, denkt Taebi. 

Lange adem
"Iran is een van de minst voorspelbare landen van de wereld, zei ooit een politicoloog. Niemand had de massale demonstraties in juni voorspeld. Niemand kan voorspellen hoe dit verder loopt." Maar het is een proces van lange adem, daar is Taebi van overtuigd. En wat hem betreft moet het dat ook zijn. Bij een gewelddadige omwenteling is niemand gebaat. Het geweld van de eerste maanden na de revolutie van 1979 staat velen nog helder voor ogen en dat wil niemand nog eens meemaken. Iran heeft bovendien veel etnische groepen. Geweld zou de samenhang tussen die groepen verstoren, denkt Taebi.

Of oppositie in het buitenland een bijdrage zou moeten leveren? Daarop volgt een zeer overtuigd 'nee'. Taebi vindt dat 'hoogst onwenselijk'. De oppositie in het buitenland moet zich niet bemoeien met wat er in Iran gebeurt. Dit is iets wat Iraniërs zelf en in Iran moeten doen.

Revolutie claimen
Dat betekent niet dat hij de ontwikkelingen niet op de voet volgt. Zeker de eerste maand zat hij dag en nacht aan z'n computer gekluisterd, zoals zo veel Iraniërs in Nederland. Een moment dat hem bijzonder bijgebleven is: toen de demonstranten naar het Azadi-plein (letterlijk: Vrijheidsplein) in Teheran gingen. Een symbolische plek voor iedereen die de revolutie van 1979 heeft meegemaakt. Het plein, met het grote monument, staat symbool voor de omwenteling van toen, van dat keerpunt in de moderne Iraanse geschiedenis, van die gebeurtenis die voor iedere Iraniër een ijkpunt is, tot welke groep of richting hij toen ook behoorde.

Het is het plein waar elk jaar op 11 februari de nationale feestdag wordt gevierd, met speeches van de president, en grote massa's mensen die banieren meedragen van ayatollah Khomeini, de stichter van de islamitische republiek.

"Het moment dat de demonstranten daarheen gingen had grote symboliek. Het betekende dat ze om veel meer vroegen dan alleen het terugdraaien van de verkiezingsuitslag. Ze wilden het plein terug. Velen van hen verachten de jaarlijkse viering die daar wordt gehouden, met die grote foto's van Khomeini."

In de kern, zegt Taebi, gaven ze daarmee aan dat ze terug willen naar de basiswaarden van de revolutie van destijds: gelijkwaardigheid voor iedereen, gelijke vrijheden voor iedereen. Waarden die in de jaren daarna verkwanseld zijn. Weggekaapt door de conservatief islamitische machthebbers.

Dus behalve een strijd om de macht, om vrijheden en rechten, is er ook de strijd losgebarsten over de geschiedenis. Over de vraag: wie is de ware erfgenaam van de revolutie van 1979?

 

Deel deze pagina

Video

  • video Iraanse Nederlander over acht maanden protest Vandaag wordt in Iran de 31ste verjaardag van de islamitische revolutie gevierd. De oppositie grijpt dat aan... om opnieuw te demonstreren. Behnam Taebim, zoon van een Iraanse politieke vluchteling, over de protesten die nu al acht maanden duren.
  • video Iraans protest op feestdag In Iran wordt volop gedemonstreerd in verband met de herdenking van de Islamitische Revolutie in 1979.... Tegenstanders van het regime grijpen de feestdag dus aan om te protesteren. Maar de oproerpolitie is massaal ingezet om iedere vorm van protest tegen het regime juist de kop in te drukken. In Teheran raakte de politie slaags met betogers. Die werden met traangas uiteengedreven.

Video en Audio

Meer video en audio