»
Op de huidige begraafplaatsen van Port-au-Prince wordt extra ruimte gemaakt
Foto: Hans Jaap Melissen Door verslaggever Hans Jaap Melissen
Het zijn er 80.000, 150.000 of 200.000. In Haïti is grote onduidelijkheid over het dodental van de aardbeving. Niet alleen liggen er nog veel mensen onder het puin, ook over het aantal lichamen dat al geborgen is, doen zeer uiteenlopende verhalen de ronde.
Er hangt nog steeds op veel plekken in de stad een doordringende lijkengeur. En volgens de directeur van een grote begraafplaats in Port-au-Prince zit er ook een luchtje aan het dodental dat door de Haïtiaanse regering wordt genoemd. Duidelijk is dat het getal van 150.000 doden dat de Haïtaanse overheid hanteert, niet op harde feiten is gebaseerd.
"Alles is politiek in Haïti", zegt de man, die zelf ongeveer 4000 lichamen zag binnenkomen. Hij heeft mij de laatste dagen steeds telefonisch bijgepraat. Ook hadden we een ontmoeting op een andere begraafplaats, waar 609 doden zijn geteld.
Massagraven
Op weer andere begraafplaatsen (er zijn er ongeveer 20 van enige betekenis) is helemaal nooit geteld, omdat er simpelweg niemand was om dat te doen. Familieleden legden lichamen zelf in graven. Vaak waren dat grafkelders en grafhuisjes, waaruit de oude kisten zijn verwijderd en de botten verbrand.
Ook zijn er speciale massagraven gemaakt, onder andere in Titanyen, buiten Port-au-Prince, maar ook daar ontbreken exacte getallen.
Er is één publiek mortuarium in de stad. Pierre Yves Jovin is de manager. Om de hoek van zijn kantoor ligt een lijk op de grond, buiten de koeling. Maar Yves lepelt rustig zijn aardappelsoep naar binnen.
"Wij hebben in totaal 12.700 lijken zien langskomen. Veel daarvan zijn naar een massagraf in Titanyen gebracht." Grote witte trucks zorgen voor het vervoer, van puin en van lijken. Maar de directeur neemt nu al dagen zijn telefoon niet meer op.
Juiste aantal
Een onafhankelijker geluid dan van de Haïtiaanse overheid zou van de Verenigde Naties kunnen komen. Die maken melding van 111.000 doden, maar woordvoerder David Wimhurst weet bij navraag zelf niet meer hoe ze daaraan zijn gekomen.
Eén ding lijkt duidelijk: de doden zijn een eigen leven gaan leiden. Waarschijnlijk zal het echte getal nooit helemaal worden achterhaald. Ervaring in andere aardbevingsgebieden laat zien dat het getroffen land vaak het aantal twee keer te hoog inschat, maar ook dat is geen exacte wetenschap.
De vraag is of het juiste aantal heel erg belangrijk is. De ingestorte huizen, de ontheemden en de gewonden laten zich beter tellen en die aantallen getuigen van een enorme ramp.
Orde
Volgens Marie Lasseque, minister van Cultuur en woordvoerder van de Haïtiaanse regering, zijn de overlevenden het moreel aan de doden verplicht, hoeveel het er ook zijn, om een ander Port-au-Prince op te bouwen. "Op de lege plekken moeten bomen komen. Laat veel inwoners de stad maar verlaten. Port-au-Prince was een jungle. We moeten er nu een leefbare, normale stad van maken."




»
»