»
Willemien, Jason en Jayden Krul
Foto: familie Krul Willemien Krul is in Haïti om werkzaamheden te verrichten voor de Mission Aviation Fellowship (MAF), een christelijke zendingsorganisatie. Ze werd overvallen door de aardbeving. Dagen na de ramp krijgt ze eindelijk goed nieuws te horen. Dit is de laatste bijdrage van Krul vanuit Haïti.
"Om kwart over zes is iedereen wakker en langzaam gaan we weer rechtop zitten. Jason vertelt me over de naschokken en stiekem ben ik blij dat ik niet wakker ben geworden. Nu ik ze even niet heb gevoeld, sta ik niet meer zo op scherp. Maar misschien ben ik wel te moe om me druk te maken.
Julie maakt pannenkoeken en die smaken goed. Jayden en ik eten er allebei een, maar onze magen zijn gekrompen en als we ze op hebben, is er geen ruimte meer voor nòg een. Ik doe mijn bril op, ook al draag ik hem normaal niet. Door het stof heb ik erg last van m'n contactlenzen. Ik kleed Jason aan en hij kan maar niet stoppen met hoesten. Ik druk hem tegen me aan en probeer niet te huilen.
Positief nieuws
Dan komt het bericht dat Missionary Flights International weer gaat proberen te landen op het vliegveld van Port-au-Prince in een poging hen op te pikken om half tien.
Omdat het al na zevenen is, rent iedereen weg om zijn bagage weer in de auto's te gooien. Voor ik het weet, zijn we weer klaar om te vertrekken. Zodra Jayden en ik in de auto zitten, komt er een stel kleine jongens aanrennen. 'Mijn vrienden', roep ik blij uit, terwijl ik hun handen vastpak. Ze laten me niet meer los. Dit zijn de jongens uit de buurt, gemiddeld zo'n zes jaar oud, die altijd rondhangen buiten de poort van ons huis. Ze helpen me gras te plukken voor de konijnen en ik betaal ze met kleinigheden of kleine speelgoedjes.
Ben ik even blij ze allemaal te zien! 'Gaat het goed met jullie families?', vraag ik. 'Ja', zeggen ze breedlachend. Ik ben zó opgelucht. Ik snap dat we tijdelijk moeten vertrekken, maar het blijft moeilijk. Wat gebeurt er met Arnoud en Denise en hun familie, wat gebeurt er met deze kinderen? Het scheurt mijn hart in tweeën.
Onzekerheid
We rijden over achterafweggetjes en ik zie een gebouw dat volledig is ingestort. Hoe kan iemand dat hebben overleefd, vraag ik me af. Op dat moment zie ik een been uit de puinhoop steken. Ik ril ervan, verschrikkelijk. Ik zie de grote berg bakstenen en cement en de andere troep eromheen en weet zeker dat die persoon met geen mogelijkheid nog in leven is. Daarbij, het is drie dagen na de aardbeving. Ik probeer het verontrustende beeld van me af te schudden, maar het lukt me niet.
Aangekomen bij het vliegveld blijkt dat alleen Amerikaanse burgers het vliegveld op mogen. Jason en Mark vinden een andere ingang waar zij worden herkend door een van de Haïtiaanse beveiligers. Als we hem onze situatie uitleggen, en dat er een vliegtuig aankomt dat ons wil oppikken, laat hij ons binnen.
Mark, Todd en David gaan op een stuk gras aan het andere eind van de landingsbaan praten met de geïmproviseerde verkeerstoren. Die bestaat uit een groep van een man of tien met radio's en andere apparatuur. Na met hen een tijdje te hebben gesproken, staan ze toe dat Missionary Flights International landt bij de aankomst- en vertekhal voor de binnenlandse vluchten.
Soep
Terwijl het vliegtuig opstijgt, voel ik de stress, het slaapgebrek en dat ik te weinig heb gegeten. Ik merk dat ik langzaam het bewustzijn verlies. Ik pak de kleine hand van Jayden, laat mijn hoofd hangen en hoop dat de duizeligheid zal verdwijnen. Ik probeer mijn flesje water te pakken. Zodra het vliegtuig weer recht vliegt, krijg ik een slok Kool Aid en een kopje instantsoep. Soep heeft me nog nooit zo goed gesmaakt en de warme vloeistof doet me herleven.
Wanneer het eindelijk tijd is om te gaan landen, dalen de piloten relatief snel als gevolg van een grote wolk. Met mijn stevige verkoudheid en met flinke hoeveelheid vocht opgehoopt in mijn oren, is de pijn bijna meer dan ik aankan.
Ik probeer alles te doen om de druk te verlichten, maar omdat de cabine niet onder druk staat terwijl we snel afdalen, helpt niets. Ik slik, gaap, kauw en drink, maar niets helpt. Uiteindelijk steek ik mijn vingers in mijn oren en laat de tranen over mijn gezicht rollen. Niemand behalve Jayden kan mijn gehuil horen.
Eindbestemming
Intussen heeft ook Jayden allebei zijn oren vastgepakt en schreeuwt hij het uit van de pijn. Ik voel me hulpeloos en probeer hem te masseren, maar er is echt niets dat ik voor hem kan doen. Ik bid dat we gauw zullen landen, maar toch voelt het alsof het lang duurt. Als we zijn geland, ben ik emotioneel helemaal op.
Ik ben me van niets bewust. Als een robot pak ik m'n bagage en stap ik met Jayden uit het vliegtuig. Op het moment dat mijn voeten de grond raken gaat er een golf van nieuwe emoties door me heen. Blijdschap, hoop en dankbaarheid. Eindelijk zijn we er.
Willemien Krul is veilig in Florida aangekomen en maakt het goed. Lees haar verhalen (in het Engels) op haar weblog.
Deel deze pagina
»
»
»