»
Columnist Bert Brunninkhuis
Foto: Bert Brunninkhuis/NOS Door columnist Bert Brunninkhuis
Zaterdag, dames en heren, sprak ik over mijn stem, die al maanden hees is. Vandaag, de dag dat de vreselijke ruimingen van de geiten gaat beginnen, wil ik graag stilstaan bij de stem van de Q-koortspatiënten. Welke invloed hebben zij de afgelopen maanden kunnen uitoefenen op de overheid? Want dat is de enige instantie die in ingewikkelde en tegenstrijdige maatschappelijke belangen knopen kan doorhakken, een besluit kan nemen en kan handhaven.
Om maar met de deur in huis te vallen: de patiënt heeft nauwelijks invloed op de besluiten die de regering ruim een week geleden heeft genomen. Laat ik u drie oorzaken daarvoor noemen.
In de eerste plaats heeft hij niet de noodzakelijke kennis. Ik kan wel 'au' roepen, mank lopen, er lijkbleek of asgrauw uitzien, maar daarmee maak ik meestal geen indruk en heb ik nog geen kennis over de Q-koorts. Die zit meestal bij doktoren, ook al zeggen ze hun vinger er bij deze ziekte nog nauwelijks op te kunnen leggen en geen raad te weten met de aanpak. Geduld, rust en tijd is het motto dat ik vaak te horen heb gekregen.
Kafka
Een tweede reden, waarom de patiënt geen invloed heeft, ligt in het gebrek aan noodzakelijke informatie. Hij heeft niet veel om op terug te vallen. Tot voor kort hadden maar weinig mensen van de ziekte gehoord, laat staan dat ze wisten hoe gevaarlijk besmetting door de bacterie kan zijn of hoe de ziekte precies ontstaat. Dat weten de wetenschappers.
Ook wist bijna niemand waar de besmette bedrijven zaten en zitten. Dat wisten de boeren zélf niet eens in alle gevallen. En degene die dat wel wist, de Gezondheidsdienst voor Dieren, gaf aan dat ze dat niet mocht vertellen, om privacyredenen. Gebaseerd op de wet. Dat is Kafka op zijn best.
De derde en in mijn ogen belangrijkste oorzaak is, dat patiënten niet zo goed georganiseerd zijn. Voor elke aandoening is er wel een vereniging. Zo zijn er honderden, met allemaal eigen belangen en eigen doelstellingen, verenigd onder de koepel van de Nederlandse Patiënten Consumenten Federatie. Met die versnippering van de belangen, de onderlinge concurrentie om aandacht te krijgen, maar ook met de geringe financiële middelen is het moeilijk een stevige vuist te maken en een goede spreekbuis te zijn. Niettemin prijs ik de mensen die de Vereniging van q-koortspatiënten hebben opgericht.
Machtiger
Als je geen kennis hebt, niet over de juiste informatie beschikt en ook niet goed georganiseerd bent, tja, wat moet je dan nog? Dan zijn de anderen, met hun eigen belangen, veel machtiger. Iedereen roept nu opeens in koor dat de volksgezondheid, oftewel de gezondheid van de burger, voorop moet staan.
Terwijl veel van diezelfde mensen twee weken geleden de privacy van boeren met besmette bedrijven en bedrijfseconomische belangen voorop stelden. En daarmee op de koop toe hebben genomen dat ik en met mij vele anderen argeloos en zonder enig benul in de afgelopen twee jaar onze eigen ziekte tegemoet fietste. Onbegrijpelijk, ongehoord en zeer onzorgvuldig. En dan druk ik me netjes uit.
Geoliede machines
In het grote krachtenspel om de macht en de invloed op de beslissingen legt de patiënt het altijd af, of het nu tegen de machtige organisaties van artsen, van verzekeraars of, in dit geval, van boeren is. Die hebben al tientallen jaren goed geoliede machines om hun belangen te behartigen en hebben hun wegen naar Den Haag goed geplaveid. Ze kennen hun mannen en vrouwen in de Tweede Kamer en op de ministeries. Spreken met hen, wanneer ze dat nodig vinden en krijgen hen op elk moment aan de lijn.
In dat krachtenspel is de patiënt figurant en speelbal. Pas als er veel mensen ziek worden, er doden vallen en mensen daadwerkelijk de ogen sluiten, gaan in Den Haag de ogen open. Dan wordt de macht van het getal belangrijk. Maar dat is blijkbaar de prijs die de patiënt moet betalen om een stem te krijgen en gehoord te worden.
Dit is het tweede deel in een serie columns van Bert Brunninkhuis.
Deel deze pagina

»
»
»
»
»
»