»
Columnist Bert Brunninkhuis
Foto: Bert Brunninkhuis/NOS Door columnist Bert Brunninkhuis
Mijn stem is mijn stem niet meer. Dat zit zo. Naast grote vermoeidheid, niet kunnen werken, concentratieproblemen, waardoor ik nauwelijks kan lezen of autorijden, naast vijftig keer per nacht op de andere zij draaien vanwege de zeurende pijn in mijn gewrichten, naast dat alles is er nog iets dat door de Q-koortsinfectie al een half jaar anders is: mijn stem.
Medisch onderzocht maar nog niet verklaarbaar. En mijn stem is mij dierbaar. Die hoort bij mij als mijn ogen, mijn haar, mijn bril, mijn kleren of mijn Twentse achtergrond.
Mijn stem is hees geworden, onvoorspelbaar en wispelturig. Hij lijkt de toestand van mijn gemoed of van mijn lijf te weerspiegelen. 's Morgens gaat het nog wel. De dag is vers, de stembanden hebben een nacht niets hoeven doen, maar als ik de revalidatietraining er weer op heb zitten, of een half uurtje gewandeld heb, of wanneer ik gewoon kwaaie zin heb vanwege de ziekte die ik al ruim een half jaar heb, dan slaat dat extra op mijn stem.
In de steek
En als ik als grage prater een leuk gesprek met iemand heb gehad, want gesprekken die ik heb zijn bijna altijd leuk, dan is de stem dat niet met me eens en laat me gewoon in de steek. Moet ik daarom boos zijn op mijn stem? Nee dus, maar op wie dan wel?
Waarom wist ik niets van de gevaren van de Q-koortsbacterie, terwijl ik een goed geïnformeerde burger ben en tot voor kort een veellezer was, twee kranten per dag, weekbladen, boeken, noem maar op. En als ik het niet wist, hoeveel meer mensen wisten en weten het dan niet. Of beter, wie wist het dan wel?
Dat de Qkoorts gevaarlijk is, dat het je zo maar kan overkomen, dat je er erg ziek van kunt worden, met veel naweeën, zelfs chronisch ziek en blijvend arbeidsongeschikt, ja zelfs dat je er aan dood kunt gaan.
Fietsen
Als ik dat allemaal had geweten was ik niet gaan fietsen op zondagmiddag, door dat prachtige Brabantse land, dat o zo gevaarlijk blijkt te zijn, volgens wetenschappers zelfs levensgevaarlijk.
Komende maandag gaat de ruiming van de geiten beginnen. Dat is met name voor de boeren uiterst pijnlijk. Juist nu zit ik vol vragen, net als de dokters, de onderzoekers, de geitenboeren, de andere Q-koortspatiënten en de mensen die nog gezond zijn.
Die gaan fietsen, of gewoon ergens wonen, op een plek waar de Q-koortsbacteriën met miljoenen in wolken komen overwaaien. Eigenlijk is het een Godswonder dat niet nog veel meer mensen ziek zijn geworden.
Door dat wonder zijn de mensen die mij en de medeburgers hadden moeten informeren en beschermen, in slaap gesust en hebben zij niet op tijd gedaan wat ze hadden moeten doen: luisteren naar de stem van deskundigen die al bijna twee jaar waarschuwen en dat nog dagelijks doen. En vervolgens passende maatregelen hadden moeten nemen.
Schrale troost
Daarom is een stem zo belangrijk: om gehoord te worden. Maar had het enig verschil gemaakt als mijn stem wel in orde was geweest? Misschien is dat dan een schrale troost voor me.
Dit is het eerste deel in een serie columns van Bert Brunninkhuis. Morgen volgt de tweede.
Deel deze pagina
»
»
»
»
»
»