Door correspondent Wouter Meijer
Wie Frank-Walter Steinmeier gadeslaat bij zijn verkiezingscampagne vraagt zich vaak af: waarom doet iemand zichzelf dit aan? De SPD staat in de peilingen hopeloos achter op de CDU, en Steinmeier maakt bovendien de indruk liever geen campagne te willen voeren. Hij heeft begin dit jaar uitgelegd dat de burgers in tijden van crisis niet zitten te wachten op felle debatten, maar liever willen dat de politici hard werken om de recessie te bestrijden.
En zo gaat het ook. Frank-Walter Steinmeier legt zijn beleid rustig uit, noemt maar zelden de naam van zijn belangrijkste tegenstander, bondskanselier Angela Merkel. Hij heeft een plan gepresenteerd om vier miljoen nieuwe banen te creëren, maar toen de andere partijen hem daarom uitlachten hebben we er weinig meer van gehoord.
Het past goed bij beschrijvingen die vrienden van vroeger geven: een keurige jongen, speelde voetbal, ging daarna nog wel mee om een biertje te drinken, maar echt dronken hebben ze hem nooit meegemaakt. Hij ging gewoon op tijd naar huis.
Ideale tweede man
Het klinkt vreemd voor iemand die het hoogste politieke ambt wil veroveren, maar dit is de eerste keer dat Steinmeier campagne voert. Tot nu toe was hij overal de ideale tweede man: chef van de kanselarij onder Gerhard Schröder en vice-kanselier onder Angela Merkel. Van Schröder heeft hij de hese stem gekopieerd die hij opzet als hij een menigte toespreekt. Maar het echte vuur, de wil om te winnen, de testosteron die er bij Schröder van af spatte dat heeft Steinmeier niet.
Waarom hij het zichzelf aandoet is een raadsel, maar hij is realist genoeg om te beseffen dat hij niet per se hoeft te winnen. Als Merkels CDU en de liberale FDP samen geen meerderheid krijgen, dan is voortzetting van de Grote Coalitie voor Steinmeier geen slechte optie. Dan blijft hij minister van Buitenlandse Zaken, een baan die hij helemaal niet slecht doet en die hem duidelijk voldoening geeft. En hij is ook realist genoeg om te weten dat het klopt wat veel mensen over hem zeggen: kanselier zou hij best kunnen, maar kandidaat kan hij niet.

»
»
»