Rob Ruggenberg is schrijver de historische jeugdroman Manhatan dat hij op 4 april gaat aanbieden aan de stammoeder van een indianenstam in New York. De stam heeft vierhonderd jaar geleden - bloedig - contact gehad met de eerste Nederlanders die zich in Nieuw-Amsterdam vestigden.
Aan wie gaat u het boek aanbieden?
Het boek wordt in ontvangst genomen door een jongen vrouw, Waupatukway, dat betekent jong hert. Zij is een meisje van wie ik de naam en de persoonlijkheid heb geleend om een nieuw meisje te scheppen dat vierhonderd jaar geleden leefde.
Waarom neemt zij dat boek aan?
De stam waarvan zij inmiddels stammoeder is, heeft een relatie met de Nederlanders die al bijna vierhonderd jaar oud is. In die stam leven nog altijd een aantal verhalen over de tijd dat ze contact hadden met de Nederlanders. Er werd zelfs tot 150 jaar geleden Nederlands gesproken in die stam. Dat blijkt uit rapporten van missionarissen uit die tijd. Ik wil die lange relatie met de Nederlanders eren.
Hoe is die relatie begonnen?
De relatie is op een wat minder prettige manier begonnen. De dag dat Henry Hudson daar voet aan wal zette, viel de eerste dode. En dat is daarna eigenlijk niet meer gestopt. De eerste dode was een Nederlander die zich waarschijnlijk vrij onbeschoft heeft gedragen bij zo'n indianenstam. De Nederlanders hebben daar wraak voor genomen. Vanaf dat moment is het een aaneenschakeling van moordpartijen geweest. Nederlanders die indianen gingen vermoorden en andersom. Er zijn waarschijnlijk enkele duizenden Nederlanders omgekomen, en veel meer indianen. De Nederlanders hebben een aantal malen genocide gepleegd. Op een gegeven moment, in de periode waarin mijn boek speelt, besloten ze dat het eiland Manhatan gezuiverd moest worden. Ze wilden er geen last meer van hebben. Ze zijn toen 's nachts naar een paar indianenkampen geslopen en hebben toen alles uitgemoord, mannen, vrouwen, kinderen, zuigelingen.
Hoe kwam u bij die jonge vrouw?
Ik ben daar een jaar of vijftien geleden geweest voor onderzoek naar de gang van zaken. Ik heb een aantal stammen bezocht, waarvan ik waarvan ik vrij zeker wist dat die contact hadden gehad met de Nederlanders. Zij hadden verhalen?
Wat zijn dat voor verhalen? Wij zullen er niet goed uitkomen.
Nee, maar het bijzondere was dat de mensen die ik gesproken heb geen wrok koesterden.
Hebben zij zich verzoend met hun geschiedenis?
Nee, absoluut niet. Die geschiedenis is nog niet afgelopen. Die gaat nog steeds door. Het is nog steeds een geschiedenis die vol zit met discriminatie en met een heleboel zaken die niet deugen in de Verenigde Staten op het gebied van de indianenzorg."
Waarom springt deze vrouw eruit?
Ik heb een tijd doorgebracht bij haar vader, het opperhoofd Grote Adelaar van de Paugusset-indianen. En daar liep dit meisje rond, Waupatukway. Ze was toen dertien. Ze was een type dat je onmiddellijk trof. Ze was een stoere meid en keek me nijdig aan. Ik was een grote blanke indringer in haar gemeenschap. Ik voelde weliswaar niet de wrok van vierhonderd jaar, maar wel de wrok dat ik daar niet thuishoorde. Ik heb toch contact met haar gemaakt. Ze is een type geweest dat in mijn hoofd is blijven zitten toen ik dit boek schreef. Ik had een stoere meid nodig die in de verschrikking van die tijd overeind wist te blijven en toch ook in staat was om vriendschappen op te bouwen. Want het boek gaat over vriendschappen, met een Nederlandse jongen, met een zwarte jongen. Je kon in de chaos alleen overeind blijven door die vriendschappen.
Wat gaat u doen in New York?
Ik ga het boek aanbieden en een aantal Engelstalige hoofdstukken voorlezen aan haar kinderen. En aan een aantal andere kinderen van die stam. En ik neem ook een aantal Nederlandse kinderen mee uit New York, expatkinderen. We krijgen daar in het indianenreservaat dus een ontmoeting tussen Nederlandse kinderen en indiaanse kinderen. Eigenlijk net als vierhonderd jaar geleden.
Zouden de expatkinderen van de bloedige geschiedenis weten?
Absoluut niet. Daar heb ik het boek voor geschreven. De expatkinderen krijgen het, en de indianenkinderen krijgen het zodra de Engelse vertaling er is.
Deze ceremonie begint toch wel op een poging tot verzoening te lijken.
Van mijn kant is die intentie er in elk geval. Ik heb een aantal malen contact gehad met Waupatukway, ik denk dat ze eigenlijk niets liever willen. Ik denk dat ze in staat zijn om zich te verzoenen.

»
»
»