Weblog Denemarken

door Rienk Kamer en Gerri Eickhof



NOS-verslaggevers Gerri Eickhof en Rienk Kamer houden een weblog bij vanuit Denemarken, dat in het middelpunt staat van de wereldwijde cartoonrel.



Ophef over Mohammed is ingezakt



Het Deense weekend is weer ouderwets rustig. De ophef over de Mohammed-cartoons is voorlopig even ingezakt.



"Ja, het lijkt voorbij", zegt Roline Creton, onze correspondent in Kopenhagen. Kan ze mooi nog even bellen met de moskee van imam Abu Laban, de man die de spotprenten mee nam naar het Midden-Oosten, ze daar aan allerlei hoogwaardigheidsbekleders toonde en zodoende de wereldwijde moslimprotesten ontketende. 



Even bij de moskee informeren of onze microfoon nog gevonden is. Nee dus. Gisteren, toen we de dienst filmden waarin Abu Laban voorging, bleek het ding na afloop verdwenen. We hadden hem op de preekstoel gezet en moesten zelf achter in de gebedsruimte plaatsnemen. Na de laatste koranverzen liep cameraman Roel Rekko naar voren om zijn eigendom weer op te halen, maar helaas, foetsie dus. 



Ik weet niet wat ik erger vond: dat die microfoon weg was, of dat me dat niet verbaasde. Het was toch al zo een plechtigheid waarbij ik me helemaal niet thuis voelde. Want de pers werd dan wel honderd keer welkom geheten, maar als je wilde filmen moest je wel een verklaring ondertekenen waarin je garandeerde dat je niet in de teksten van Abu Laban zou monteren. "Anders doet u de waarheid geweld aan", zo zei moskeevoorzitter Khalil Assi streng. 



Omdat je zo geen reportage kunt maken maar ik er ook niet van houd een valse belofte te doen heb ik zijn formuliertje wel getekend maar niet ingeleverd. En we mochten dit niet en dat niet, en we moesten zus wel en zo wel. En allemaal uit naam van zijn waarheid of in het beste geval zonder opgaaf van redenen. Nou ja, we hielden er desondanks een mooi televisieverslag aan over. 



Maar nu zit dat er niet meer zo in, er gebeurt eigenlijk niet veel meer, de Denen willen even een paar dagen bijkomen. Het koningsoffer is gebracht, de man die de opdracht heeft gegeven voor de spotprenten is op non-actief gesteld door zijn krant en de gekrenkte moslims beschouwen dat als een stap in de goede richting. Veel Denen ook trouwens. 



En Teletekst meldt trots op de eerste pagina dat het project "Huur een moslim", dat pas donderdag is gelanceerd, al 400 aanvragen heeft gehad. Het project is opgezet door gematigde moslims die een catalogus van allochtone arbeidskrachten hebben samengesteld. Het is gericht op autochtone Deense klanten. 



Als je zou willen, kun je er bij wijze van spreken een gediplomeerde vrouwelijke islamitische loodgieter in vinden en dan ook nog kiezen voor één mèt of zonder hoofddoek. 



En kennelijk willen de Denen dat ineens. Kennelijk hebben ze ineens meer oog gekregen voor die minderheid waarmee ze tot nu toe nauwelijks contact hadden. 



Ook dat bevordert het herstel van de rust. Met zulke mooie initiatieven, met veel goede voornemens en in de wetenschap dat er juist hier geen grote ongeregeldheden zijn geweest, lopen de Kopenhagers tamelijk onbekommerd door het stadscentrum. 



Wij lopen toeristisch mee, onze terugvlucht is geboekt voor morgenmiddag en kon niet vervroegd worden. We kijken naar wat producten van Arla, de zuivelgigant die zwaar getroffen wordt door de boycot van islamitische landen. Het merk is in Denemarken zelf eigenlijk helemaal niet zo populair, maar uit solidariteit is de eigen waar plotseling heel erg in trek. 



Ter hoogte van het prachtige stadhuis gaat ineens weer de telefoon: een medewerker van de moskee heeft de microfoon gevonden, als we langskomen zal een assistent van Abu Laban hem overhandigen. Ik weet niet wat ik leuker vind: dat we dat ding terugkrijgen of dat me dat niet verbaast.



Denemarken is saai!



Het is niet de eerste keer dat ik in Denemarken ben. Na lang wikken en wegen besloten we vorig jaar de zomervakantie daar door te brengen. We hadden net een dertien jaar oude camper gekocht, dus een beetje slecht weer konden we wel hebben. "Wij gaan nooit meer naar Denemarken, er is geen bal te beleven", reageerde m'n zus. Toch reden we de dik zeshonderd kilometer naar het noorden, ook omdat vrienden enthousiast hadden gebeld: "Het is hier prachtig en het weer is oké!"



En dat bleek ook te kloppen. De eerste drie dagen was het prachtig weer, zo mooi zelfs dat we 's avonds in onze korte broek met een glas wijn aan het strandje van onze camping zaten. Over de volgende twaalf dagen kan ik kort zijn: regen, regen, een droge dag, kou, regen en nog meer regen. De camper moest zelfs met een tractor uit de blubber getrokken worden, anders stond 'ie nu nog op Fünen. 



Mijn zus bleek gelijk te hebben gehad. Denemarken is best mooi, met hier en daar wat heuvels en veel water, maar om nou te zeggen dat het er bruist, nou nee. Zelfs nu niet, terwijl op steeds meer plaatsen in de wereld de Deense vlag in de fik gestoken wordt, blijven ze hier in Kopenhagen ijzig kalm. Geen demonstratie vóór of tegen wat dan ook, nee, het blijft hier stil.



Maar misschien dat het achter de schermen wel broeit? Ik was vandaag, samen met onze altijd vrolijke correspondent Rolien Creton, bij een naaiatelier. Daar worden de Deense vlaggen in elkaar genaaid. De dames spraken er schande van. Niet alleen dat die vlaggen in de fik gestoken worden, maar op televisie was duidelijk te zien dat het kruis op de verkeerde plek was genaaid! 



De dames kregen een paar degen geleden een telefoontje van iemand die de Palestijnse vlag bestelde. Om hem in de brand te steken natuurlijk, maar daar wilden ze niet aan meewerken. Zo reageerde ook de eigenaar van de vlaggenwinkel in het centrum van Kopenhagen. Logisch dat het hier rustig blijft! 



De enige die wél wat van zich laat horen, is de Deense imam Abu Laban. Hij resideert in een groot lokaal bij een oude fabriek in een buitenwijk van de Deense hoofdstad. Een echte moskee is het niet, het enige dat op een minaret lijkt, is de oude schoorsteen...



De radicale imam schreeuwt het grootste deel van zijn preek over de gebogen hoofden van de paar honderd gelovigen heen. Zijn boodschap (voor de gelegenheid in het Engels, er zijn tientallen internationale journalisten): ook moslims hebben vrijheid van meningsuiting, wij mogen zeggen wat en waar we willen. Hij doelt daarmee natuurlijk op zijn reis, een paar weken geleden, naar het Midden-Oosten. In z'n koffer zaten de gewraakte cartoons (en nog een paar meer). Na zijn bezoek is het er niet meer rustig geweest...



Aan het eind van z'n preek had hij nog een boodschap voor Ayaan Hirsi Ali, die gisteren op een persconferentie in Berlijn nog uitvoerig de Deense premier Rasmussen had geprezen. De premier weigerde met een aantal ambassadeurs uit moslimlanden te praten over de cartoons. Ze prees zijn moed (en bekritiseerde en passant nog even onze eigen JPB, die ook veel duidelijker stelling moet nemen tegen de radicale islam). Imam Abu Laban had het allemaal op de Deense tv gezien en hij was woedend geworden. "Een rat in een hol", noemde hij haar en hij daagde haar uit om met hem in discussie te gaan. 



Oké, het had wat vriendelijker gekund, maar ik hoop toch voor de Denen dat Ayaan op dit verzoek in zal gaan. Laat ze dan alsjeblieft naar Kopenhagen komen. Dan gebeurt er hier tenminste weer eens wat!



Rienk Kamer





Dannebrog



Kopenhagen, 9 februari -  "Nee, ik ben niet bang. Mijn kinderen zijn ook niet bang. Maar dat ze die vlag verbranden, dat is toch ongelooflijk? Vreselijk! En elke dag opnieuw!" Magnus trekt zijn kraag omhoog en knikt tegelijk in tegengestelde richting naar beneden, een beweging die verstandhouding zoekt, de hoop en verwachting dat ik het nu meteen begrijp. 



Magnus is de Deense cameraman die over tien minuten de verbinding met Nederland zal verzorgen. Die vlag! Dat die mishandeld wordt, dat is voor de Denen het teken dat het echt mis is. Natuurlijk, ambassades mag je niet in brand steken, Deense waar boycotten is niet goed, maar de vlag, daar moet je echt afblijven, hoe kwaad je ook bent, zelfs als je reden hebt om kwaad te zijn. 



Rood met een dwarsliggend wit kruis. En het dundoek heeft ook een naam: Dannebrog heet-ie. Volgens de overlevering ooit uit de hemel gevallen, bovenop het kleine stukje van de wereld dat Denemarken heet. Dannebrog  is voor de Denen bijna een persoonlijke vriend. Het toont aan dat de noordelijke volken niet één pot nat zijn. Allemaal hebben ze van die vlaggen, maar die met het rode veld en het witte kruis, dat zijn zij. Wee je gebeente als je hem verwart met het dundoek van de Zweden, Noren, Finnen of IJslanders. 



Het is kenmerkend voor de Denen. Net als de Nederlanders hangen ze bij verjaardagen slingers op, maar in de Deense slingers is om de twintig centimeter een Dannebrog  verwerkt. Dat Nederlanders de eigen vlag gewoon als een symbolisch lapje stof beschouwen begrijpen ze niet. 



Ik herinner het me als ik Magnus zie en hoor. Heel lang geleden reisde ik met mijn ouders naar Deense kennissen die gingen trouwen. We werden vorstelijk ontvangen en naar ons hotel gebracht. Op onze kamers stonden kaas-uit-het-vuistje-hapjes klaar, met om en om een Deens en een Nederlands vlaggetje aan de prikkertjes geplakt. 



De volgende dag werd op de trouwpartij een mega-taart binnengedragen. Bovenop geen versuikerd bruidspaartje, maar Dannebrog. En in de feestruimte hing hij weer, in veelvoud, met aan iedere zijwand ook een enkele driekleur. In alle vriendschappelijkheid was de enige wanklank het onbegrip toen mijn moeder aan het einde van het feest die Nederlandse vlaggen niet mee wilde nemen. "Wat moet ik ermee?", vroeg ze de vraag die je in Denemarken niet hoort te stellen. 



Ik moest daaraan terugdenken toen Magnus zei: "Natuurlijk ben ik ongerust als ik zie hoe ze de ambassades aanvallen, maar dat is toch anders. Ik ben daar niet bij, ik zie het op de televisie, ik lees erover in de krant, meer niet. Maar dat ze de vlag verbranden, dat doet echt pijn."



Gerri Eickhof

Deel deze pagina

Nieuws

Video en Audio

Meer video en audio