Hieronder de toespraak van premier Balkenende tijdens de herdenkingsbijeenkomst voor Theo van Gogh in de Linnaeusstraat in Amsterdam.
"Vandaag precies een jaar geleden werd Theo van Gogh op deze plaats vermoord. Sindsdien leven zijn ouders, zijn zoon, zijn familie en zijn vrienden met een schrijnend verdriet en een onherstelbaar verlies. Een verlies dat onze samenleving sterk beroert. Een ingrijpende gebeurtenis die ook mij niet loslaat.
We denken nu, op deze plek, aan de mensen die van Theo van Gogh hielden en die hem missen, elke dag weer.
Theo van Gogh is vermoord door een inwoner van ons land met extremistische overtuigingen. Een man die inbreuk maakte op wat voor ons het meest wezenlijk is. Het recht op leven. Vrijheid van meningsuiting. Verdraagzaamheid.
De dader is volgens de regels van ons strafrecht berecht en veroordeeld. Hij moet zijn straf ondergaan. Het recht heeft zijn loop. Dat is goed. Wie hier woont, moet weten dat onze democratische rechtsorde, met al haar rechten en plichten, voor iedereen geldt. Onverkort en altijd.
In ons land hoort niemand angst te hebben om zijn of haar mening te geven. Daarom staat de overheid pal voor het recht en voor de veiligheid in ons land.
Het recht is de basis. Maar recht alleen is niet voldoende.
Het recht kan het verdriet van Theo van Goghs familie niet uitwissen. Het recht alleen kan gevoelens van angst en haat niet wegnemen. Het recht is wel een voorwaarde, maar geen garantie voor verdraagzaamheid en vertrouwen in elkaar.
Voor dat laatste is ook ieders persoonlijke inzet nodig. Laten we dag in dag uit glashelder maken waar we staan.
Laten we steeds weer uitspreken: geweld is niet de weg, aanzetten tot haat biedt geen oplossing, discriminatie helpt niemand verder.
Laten we samen optrekken en elkaar niet loslaten.
We moeten ons niet uit elkaar laten spelen door die kleine groep mensen die haar boodschap schrijft met bloed. Die kleine groep mensen met een cynische boodschap van terreur, die ons in de armen van de haat wil drijven.
Daartegenover stellen we ons Nederland, zoals we dat door de eeuwen heen samen hebben opgebouwd. Een land waarin we de democratie koesteren. Een land waarin we geweld afwijzen. Een land waarin we vrij zijn om onze mening te uiten. Een land waarin iedereen op vreedzame wijze kracht mag vinden in zijn of haar geloof. Een land van grote verscheidenheid. Een verscheidenheid die juist dankzij vrijheid en verantwoordelijkheid kan bestaan.
Gemakkelijk is het niet. Ook binnen een rechtsstaat kunnen de meest verschrikkelijke dingen gebeuren. Dat hebben we de afgelopen jaren ervaren. We denken aan al degenen die het slachtoffer werden van haat en geweld.
De moord op Theo van Gogh staat in onze herinnering gegrift. Die moord druist in tegen alles wat ons in Nederland dierbaar is. Dat geldt ook voor het bedreigen van mensen die voor hun opvattingen uitkomen.
Bedreiging en geweld slaan diepe wonden in onze samenleving. Ze leiden tot woede en bitterheid. Dat is begrijpelijk.
Maar we moeten wel met elkaar verder. Samen.
Het recht is de basis. Maar een samenleving heeft meer nodig. Dat moeten we elkaar voorhouden op deze dag waarop wij uiting geven aan ons verdriet. We mogen elkaar niet loslaten.

»
»
»