Stephane Lambiel is in Moskou de verrassende nieuwe wereldkampioen kunstrijden geworden.
De Zwitser, die eerder dit jaar net naast de prijzen greep bij de Europese kampioenschappen in Turijn, schaatste 262,46 punten bij elkaar. De Canadees Jeffrey Buttle veroverde het zilver met 245,69 punten. Evan Lysacek uit de Verenigde Staten moest met een kleine drie punten minder genoegen nemen met de bronzen medaille. Alledrie stonden ze voor het eerst op het erepodium op een WK.
Lambiel, die over twee weken zijn twintigste verjaardag viert, doorbrak met zijn wereldtitel de Russische hegemonie die zeven jaar heeft geduurd. Jevgeni Ploesjenko was als titelverdediger begonnen aan het toernooi op vertrouwd ijs, maar de eigenaar van drie gouden WK-plakken liet de slotavond aan zich voorbij gaan wegens een spierontsteking.
De onttroonde kampioen kreeg echter een waardig opvolger. Lambiel toonde zich in de kwalificaties en de verplichte figuren al de sterkste en bekroonde zijn sublieme vorm met een superieure vrije kür, waarin hij de jury op enkele fraaie viervoudige sprongen trakteerde. De vijfvoudig nationaal titelhouder treedt met zijn zege in de voetsporen van Hans Gerschwiler, die Zwitserland in 1947 aan goud hielp.