In Nijmegen is het bombardement van zestig jaar geleden herdacht. Toen werd de stad bij vergissing gebombardeerd door de geallieerden, waarbij 800 burgers omkwamen. Veel nabestaanden spreken van het 'vergeten bombardement', omdat de mensen destijds de bevrijders hun fout niet wilden verwijten.
Op 22 februari 1944 om bijna half twee 's middags lieten geallieerde bommenwerpers hun last vallen boven Nijmegen, Arnhem, Deventer en Enschede. Alle plaatsen raakten zwaarbeschadigd. Maar alleen in Nijmegen vielen honderden slachtoffers, onder wie 24 kinderen van een kleuterschool van de Zusters van de Sociëteit JMJ, die een voltreffer kreeg.
Over de oorzaak voor het bombardement wordt al decennialang getwist. De meeste historici zijn van mening dat de geallieerden boven Duitsland in slecht weer terecht kwamen, keerden en - in de veronderstelling dat ze nog boven Duitsland vlogen - hun bommenlast afwierpen.
Anderen menen dat het bombardement een navigatiefout is geweest. Maar er zijn ook onderzoekers die denken dat de Britten en Amerikanen opzettelijk alle hoge gebouwen langs de Nederlands-Duitse grens hebben platgegooid, zodat de Duitsers geen uitkijkposten meer hadden.
Nijmegen heeft pas in 2000, op de plek van de getroffen kleuterschool, een monument onthuld ter nagedachtenis aan het drama. Bij deze schommel van Henk Visch legden stadsbestuur en nabestaanden vandaag bloemen en hielden zij toespraken. Om precies 13.27 uur gingen de kerkklokken luiden en werd er drie minuten stilte gehouden.
Daarna vertrokken nabestaanden en belangstellenden naar een monumentale begraafplaats waar de meeste slachtoffers zijn begraven. Een half uur later begon de Nijmeegse carnavalsoptocht, dat uit respect was opgeschoven.