|
Door Ahmet Erdogan, politicoloog te Amsterdam
De Europese integratie is een groot goed voor zover het bijdraagt aan vrede, welvaart en veiligheid van deelnemende landen. Vanuit het Nederlandse perspectief is dit wenselijk. Maar het EU-lidmaatschap levert Turkije meer nadelen dan voordelen op.
Op economisch gebied wil de EU profiteren van onder andere de goed opgeleide jonge werknemers van Turkije. Maar de EU wil bijvoorbeeld niet bijdragen aan de financiering van snel groeiende economie van het land.
Voorts lijdt Turkije onder de ongelijke concurrentie tussen de gevestigde en de opkomende markten, zoals blijkt uit de douane-unie tussen de EU en Turkije sinds 1996. Dit kost Turkije per jaar 10 miljard dollar. Volgens de Kamer van Koophandel in Ankara reden genoeg om douane-unie te vervangen door een vrije handelszone. Bovendien belemmert het lidmaatschap Turkije voordeliger economische afspraken te maken met andere landen of blokken, bijvoorbeeld de VS.
Wishful thinking
De gedachte dat Turkije via het EU-lidmaatschap een modern (en model-) islamitisch land wordt is opmerkelijke wishful thinking. Immers, historisch gezien heeft Turkije zich op eigen kracht gemoderniseerd, niet dankzij maar ondanks Europa.
Enkele feiten: de problemen met betrekking tot democratie en mensenrechten hadden te maken met de terreur, die in ruime mate gesteund is door de EU-landen door ruimte, morele en materiele steun te geven aan de PKK. Turkije heeft zich snel genormaliseerd na de uitschakeling van de PKK in 1999.
Dat het leger de Turkse politiek domineert, is door vrijwel alle empirische onderzoeken tegengesproken. De secularisatie is in Turkije diepgeworteld. Turkse vrouwen hebben hun gelijkwaardige positie in de samenleving aan zichzelf te danken. Turkije is bijvoorbeeld koploper in de wereld met meer dan 30 procent vrouwelijke hoogleraren op de universiteiten.
Vitale belangen
De EU wil dankzij Turkije’s geopolitieke strategische waarde en sterke leger een geloofwaardig buitenlands- en veiligheidsbeleid voeren. Maar juist het beleid van de EU schaadt vitale Turkse belangen. De EU vraagt Turkije Grieks-Cyprus te erkennen, hoewel de oplossing van de kwestie-Cyprus door de Griekse Cyprioten zelf afgewezen is.
Verder wil de EU dat Turkije het embargo tegen Armenië opheft, terwijl dat embargo bedoeld is om Armenië te dwingen de bezetting van (eenderde van) Azerbeidzjan te beëindigen en circa één miljoen Azerische vluchtelingen te laten terugkeren naar hun huizen. Vergelijkbare belangenconflicten tussen de EU en Turkije zien we ook in de kwestie Irak, Iran, enzovoort. Voorts wordt Turkije als lid van de EU een extra doelwit van fundamentalistische terreur wegens samenwerking met het westen.
Verkeerde agenda
De EU vormt bovendien een verkeerde agenda voor Turkije. Turkije’s strategische waarde, enorme potentieel en multi-dimensionele identiteit maken het wenselijk en mogelijk dat Turkije tegelijkertijd met verschillende landen of blokken voordelige allianties kan ontwikkelen.
Behalve de EU zijn er het strategische partnerschap met de VS en Israël, het multi-dimensionele bondgenootschap met Rusland, de broederschap met de Turkse Republieken in Centraal-Azië, de Turkse heroriëntatie op de islamitische wereld, en ongekende mogelijkheden met het opkomende Azië, dat binnen een kwart eeuw de EU zal passeren.
In de huidige wereld is dit een betere positionering voor Turkije dan alleen het EU-lidmaatschap.