|
Door Hans van Baalen, woordvoerder Buitenlandse en Europese Zaken VVD-Tweede-Kamerfractie.
Op 6 oktober jl. publiceerde de Europese Commissie haar rapport over het openen van de toetredingsonderhandelingen met Turkije tot de Europese Unie in 2005. De Commissie is streng, maar rechtvaardig en concludeert dat Turkije grote politieke en economische vooruitgang heeft geboekt sinds 1999, het jaar dat Turkije officieel kandidaat voor het EU-lidmaatschap werd. De VVD wil, echter, strenge voorwaarden verbinden aan het openen van de onderhandelingen.
Kopenhagencriteria
Nadat Turkije aan de zogenaamde Kopenhagencriteria voor lidmaatschap heeft voldaan (democratische rechtsstaat; functionerende markteconomie en het invoeren en kunnen uitvoeren van het acquis communautaire, de Europese regelgeving), moet een expliciet en unaniem besluit worden genomen over het vrij personenverkeer tussen Turkije en de EU. Turkse toetreding is niet vóór 2015-2020 voorzien. Vrij personenverkeer mag dus geen automatisme zijn. Lange overgangstermijnen behoren daarbij tot de mogelijkheden.
Voorts moet de EU zichzelf voldoende hervormd hebben om Turkije te kunnen opnemen (zogenaamd absorptie-criterium van Kopenhagen). Dat betekent dat de landbouw- en structuurfondsen en de financiën van de Unie hervormd moeten worden. Kortom, de ligging, bevolkingsomvang en de specifieke politieke en economische omstandigheden vereisen voor Turkije een strenger toelatingsbeleid dan voor, bijvoorbeeld, Hongarije. De Europese Raad van regeringsleiders zal op 17 december aanstaande over de hierboven genoemde randvoorwaarden een duidelijk besluit moeten nemen.
Het mogelijk openen van de onderhandelingen in 2005 betekent niet dat Turkije verzekerd is van toetreding tot de EU. Dat zal Turkije moeten verdienen door naar letter en geest aan de Kopenhagencriteria te voldoen, bijvoorbeeld door zero tolerance ten aanzien van schendingen van de mensenrechten. Tevens zal Turkije de Republiek Cyprus, sinds 1 mei 2004 een EU-lidstaat, moeten erkennen, haar betrekkingen met Griekenland moeten normaliseren en haar troepen uit het sinds 1974 bezette Noord-Cyprus moeten terugtrekken.
Aantrekkelijke partner
Het staat voor de VVD-Tweede-Kamerfractie vast dat een modern, seculier en economisch welvarend Turkije voor de EU en voor Nederland een zeer aantrekkelijke EU-partner is. Wie het internationale terrorisme effectief wil bestrijden, wie een sterke Europese inbreng in de NAVO wil veiligstellen, wie de vrede in het Midden-Oosten actief wenst te bevorderen, wie de rol van de EU in het Nabije Oosten wil garanderen en wie de economische positie van de EU wil versterken, kan niet om EU-lidmaatschap van Turkije heen.
De moord op Theo van Gogh op 2 november jl. toont aan dat wij ons in een staat van oorlog bevinden met het internationale moslim-terrorisme. Zonder de steun van gematigde en, in het geval van Turkije, seculiere staten met een moslim-meerderheid valt deze oorlog niet te winnen. In de mobilisatie tegen het moslim-terrorisme moet ook de welwillende meerderheid van onze eigen moslim-bevolking betrokken worden.
Loyale NAVO-partner
Voor de VVD geldt dat het gegeven woord telt. Afspraak is afspraak. In 1963, op het hoogtepunt van de Koude Oorlog, heeft de Europese Unie aan haar loyale NAVO-partner Turkije EU-lidmaatschap in het vooruitzicht gesteld. In 1999 is aan Turkije het kandidaat-lidmaatschap van de EU toegekend. De vraag of Turkije een Europees land is, is daarmee beantwoord. Die discussie hoeft niet heropend te worden.
Er is een aantal politici, dat stelt dat Turkije een speciale relatie met de EU aangeboden zou moeten worden in plaats van volwaardig lidmaatschap. Met name de fractievoorzitter van de CDU in de Duitse Bondsdag, Angela Merkel, speelt met dat idee. Dit staat gelijk met iemand ten huwelijk vragen en wanneer die persoon definitief ja heeft gezegd, op het aanzoek terugkomen en voorstellen maar een LAT-relatie aan te gaan. Ik kan mij niet voorstellen dat dit de onderlinge verhoudingen bijdraagt. In tegendeel. Dit voorstel is niet alleen onrealistisch, contra-productief, maar ook volstrekt in strijd met de goede trouw.
Veel vooruitgang
Sinds 1999 heeft Turkije veel vooruitgang geboekt op het gebied van de mensenrechten en de onafhankelijkheid van de rechtelijke macht. Tevens is de rol van het leger in de politiek aanzienlijk teruggedrongen. De Turkse afdelingen van Amnesty International en Human Rights Watch hebben verklaard dat het openen van de onderhandelingen een positief effect op de mensenrechtensituatie zal hebben.
Turkije is sinds de jaren ’20 van de vorige eeuw een seculiere staat, waarbij de scheiding tussen moskee en staat officieel is vastgelegd. Voor liberalen kan het feit, dat de overgrote meerderheid van de Turkse bevolking moslim is, nimmer een reden zijn om Turkije principieel van EU-lidmaatschap uit te sluiten. De staat en dus ook de Europese Unie zijn in dezen voor de nazaten van Thorbecke neutraal.
Nationale identiteit
Voor de VVD is de Europese Unie een nauw samenwerkingsverband dat aan haar leden onmiskenbare voordelen biedt op gebieden als vrede en veiligheid, welvaart en economische groei. De EU vormt een interne markt en een rechtsgemeenschap. Lidmaatschap van Turkije maakt duidelijk dat de EU nooit een Verenigde Staten van Europa wordt, zijnde een federatie naar het voorbeeld van de VS. De nationale identiteit van de lidstaten mag door politieke en economische integratie niet verdwijnen. Een grote Unie van lidstaten met een verschillende achtergrond vormt een hogere drempel voor ongewenst federalisme, dan een kleine Unie met lidstaten met een homogene achtergrond.
De VVD heeft ervoor gewaakt dat het Europees Grondwettelijk Verdrag zich zou ontwikkelen tot een grondwet naar Amerikaans model. De rol van de nationale parlementen is daarom duidelijk versterkt, een van de belangrijkste redenen voor de VVD, ondanks bezwaren, in te stemmen met de Europese grondwet.
Het Grondwettelijk Verdrag is verre van ideaal, maar in elk geval beter dan zijn voorganger, het Verdrag van Nice. Op basis hiervan zal de VVD in maart 2005 de bevolking, bij het raadplegend referendum, adviseren zich voor de Europese grondwet uit te spreken en steunt de VVD, onder heldere voorwaarden, Turks EU-lidmaatschap op lange termijn. Politiek bedrijven is het maken van keuzes. Turks lidmaatschap van de EU is een verstandige keuze.