|
Het kindje van Máxima en kroonprins Willem-Alexander is, ná de kroonprins, de eerstvolgende in de lijn voor de troonopvolging. Dat betekent dat de nieuwe prinses een goede kans maakt om later koningin van Nederland te worden.
Koningin Beatrix wordt op den duur opgevolgd door kroonprins Willem-Alexander. Prins Johan Friso was de tweede in de lijn van troonopvolging maar deed afstand van de troon na de affaire-Mabel. Zijn broer Constantijn werd daardoor tweede. Nu schuift hij op naar de derde plaats.
Als Willem-Alexander eenmaal zijn moeder is opgevolgd, wordt zijn oudste dochter de eerste troonopvolger. De kroonprinses mag zich Prinses van Oranje noemen. Eventuele broertjes of zusjes volgen dan als tweede in de lijn.
Neven
Door de geboorte van de baby zijn de vier zoons van prinses Margriet en mr. Pieter van Vollenhoven geen lid meer van het Koninklijk Huis als Willem-Alexander eenmaal koning wordt. De neven staan dan te ver van hem in de familielijn. Voor hun ouders is echter een uitzondering gemaakt. Zij blijven hoe dan ook lid van het Koninklijk Huis.
De neven blijven in de toekomst wel lid van de koninklijke familie. Het verschil houdt in dat wie lid is van het Koninklijk Huis recht heeft op troonopvolging, wie lid is van de koninklijke familie heeft dat niet.
Castiliaanse stelsel
Lange tijd werd de troonopvolging in Nederland geregeld via het zogenoemde Castiliaanse stelsel. Deze regeling bepaalt dat een eventuele zoon van de koning of koningin altijd voorrang krijgt boven een dochter, ook als hij jonger is dan zijn zus.
Het stelsel werd gebruikt omdat men meer op had met een koning dan een koningin. Bij de geboorte van prinses Wilhelmina in 1880 kopte het Leidsch Dagblad "t Is maar een meisje!". Bij de geboorte van het vierde kind van prinses Juliana werd de hoop op een jongetje openlijk geuit. In 1980 werd de voorkeursregeling voor jongens afgeschaft.