|
Eritrea, 19 februari
Vliegend personeel van de Luchtmacht: 'Vliegen onder deze Afrikaanse
omstandigheden is niet te vergelijken met wat we in Nederland gewend
zijn.'
Op een willekeurige werkdag van een aircrew (helikopterbemanning)
in de Hoorn van Afrika, staan er vier vluchten, van elk ongeveer
twee uur vliegtijd, op het programma. Drie vluchten gaan langs alle
compagnieslocaties om daar wisselingen van personeel te verzorgen
en verse voeding en water te brengen. Verder wordt er een avondvlucht
uitgevoerd om geoefend te blijven.
De
Chinook CH-47D helikopters vliegen van het vliegveldje dat de Nederlandse
genisten hebben aangelegd op de Logistieke basis van het Nederlands-Canadese
bataljon. De eerste vlucht vertrekt ‘s ochtends om half acht. Om
op tijd bij het toestel aanwezig te zijn, ontbijt de crew al om
zes uur. Voor elke vlucht moet worden gecontroleerd of de helikopter
gereed is om de geplande opdrachten uit te voeren.
Het toestel wordt beladen en de zitplaatsen worden in gereedheid
gebracht om passagiers te vervoeren. Daarna wordt er een crewbriefing
gehouden om te zorgen dat iedereen in de crew (bemanning van de
helikopter) op de hoogte is van wat er die dag gedaan wordt. Er
worden bijzonderheden gevraagd van de Inlichtingenofficier en de
Meteo-officier geeft de weersvooruitzichten die van invloed zouden
kunnen zijn op de vlucht.
Het vliegen onder deze Afrikaanse omstandigheden is niet te vergelijken
met dat wat we in Nederland gewend zijn. Allereerst de hoogte. We
verblijven hier op zo’n 2200 meter hoogte, vergelijkbaar met de
hoger gelegen wintersportgebieden. Daarnaast is het hier ook een
stuk warmer. Vooral in Bada, een marinierslocatie in de Danakil
depressie loopt de temperatuur hoog op.
De Danakil depressie, een grote zoutvlakte ruim onder zeeniveau,
is de plek waar de hoogste temperaturen ter wereld worden gemeten.
Tijdens het vliegen overbruggen we dan ook grote hoogte- en temperatuurverschillen.
Tussen de vluchten door wordt de helikopter weer van nieuwe brandstof
voorzien, wordt hij nagekeken, eventueel opnieuw beladen en krijgt
de crew (soms) de gelegenheid om een hapje te eten.
Tijdens
de tweede vlucht van half twaalf tot half twee wordt volstaan met
een gevechtsrantsoen of een lunchpakket. Na de afwikkeling van de
derde vlucht tussen drie en vijf uur is er tijd voor het avondeten
maar daarna moet de crew vaak weer terug naar de helikopter om te
assisteren bij het onderhoud door het technisch personeel. Als er
in een omgeving is gevlogen waar veel zout in de lucht zit, bijvoorbeeld
boven zee of bij Bada, moeten de motoren worden gespoeld om corrosie
tegen te gaan. En daarna draaien de vliegers de motoren weer droog.
De laatste vlucht van half acht tot half tien kan met recht als
nachtvlucht worden aangemerkt: om half zeven is het pikdonker. Deze
vlucht wordt uitgevoerd door de crew die zes nachten daarna niet
vliegt omdat zij dan stand-by staan voor een mogelijke Medevac,
een medische evacuatie. Een van de taken van het Helikopterdetachement
is namelijk het transport van patiënten van hun locatie naar het
veldhospitaal op de logistieke basis te Dekemhare. In de periode
dat het Helikopterdetachement in Ethiopië en Eritrea is, zijn al
vijf van dit soort vluchten uitgevoerd.
Sectie Operatiën (S3 Air, vluchtplanner) van het Helikopterdetachement
van de Koninklijke Luchtmacht
|