Adigrat,
1 mei 2001
Commandant van de Bravo compagnie, majoor der mariniers Jarst de
Jong: 'We zitten in een luxe gevangenis.'
Twee
weken geleden was het Pasen en hebben diegenen die op locatie waren
op Paaszondag - na de kerkdienst - genoten van een heerlijke paasbrunch.
Een echt feestmaal dat door een ieder zeer gewaardeerd werd. Dit klinkt
natuurlijk heel luxe maar men moet niet vergeten dat we hier toch
in een soort luxe gevangenis zitten. Behalve voor het uitvoeren van
werkzaamheden zoals patrouilles komen we hier niet van onze locatie
af en zitten we dus 24 uur per dag met elkaar opgescheept. Dat is
soms onder familieomstandigheden al moeilijk, maar hier met mensen
met verschillende achtergronden is dat nog een veel grotere opgave.
Geen privacy, ook 's nachts niet, want we slapen met vier man in een
tent en weinig vertier. Verder dan een video een boek of een spelletje
tafelvoetbal komen we niet.
Gelukkig is er voldoende werk en hoeft niemand zich te vervelen. De
meesten van ons zijn aan het einde van de dag zo moe dat ze al rond
tien uur naar bed gaan. Ik zelf zit meestal tot negen of tien uur
te werken, ga dan nog even genieten van een alcoholvrije versnapering
en begeef me dan ook te bed. Een makkelijk ritme dus met weinig variatie.
Gelukkig biedt het werk wel de nodige variatie. De ene keer ben je
op patrouille in een van de prachtigste gebieden waar ik in mijn leven
ben geweest. De andere keer ben je aan het onderhandelen en overleggen
met generaals, burgemeesters of regionale gouverneurs. Zo ben je druk
met militaire zaken zoals welke posities in het terrein bezet moeten
worden om goed te kunnen monitoren.
Dan weer ben je bezig met kleine hulpprojecten, die we zijn gestart
om de lokale bevolking een tastbare bijdrage van onze aanwezigheid
te geven. Denk hierbij aan het aanschaffen van schoolspullen zoals
banken, tafels, schriften en pennen voor lokale scholen. Maar ook
het bouwen van scholen, het slaan van waterputten en het ondersteunen
van lokale kleine medische hulpposten zijn voorbeelden. Het zijn met
name deze projecten die de mariniers een goed gevoel geven over deze
missie. Het geeft ze het gevoel direct iets te kunnen betekenen voor
de bevolking die hier toch wel erg arm en met weinig tevreden is.
Hoe dankbaar de lokale bevolking soms is, illustreert het feit dat
we een aantal schapen, kippen en 600 eieren aangeboden kregen voor
de Paasmaaltijd. Dit creëert meteen weer een dilemma want teruggeven
is een belediging en de schapen en kippen houden is ook een 'no go'.
Mijn advies aan de pelotonscommandant was om de lokale bevolking de
beesten te laten slachten en er een paasmaal van te laten maken. Het
probleem van de paaskippen en -schapen loste zich gelukkig vanzelf
op. De dieren voelden er niets voor om op het bord van Nederlandse
mariniers te eindigen en hebben uiteindelijk de benen genomen.
We gaan nu de laatste zeven weken van de missie in en zo langzamerhand
beginnen ook de voorbereidingen op de terugkeer naar Nederland. Dit
betekent overigens niet dat we stoppen met het patrouilleren en monitoren
van de Temporary Security Zone (TSZ). Dat blijft tot de laatste dag
- de dag dat we afgelost worden door een Indiaas Bataljon - doorgaan.
Wel is het zo dat we druk zijn met de planning voor de afbraak van
onze locatie en de manier waarop al die spullen weer ingepakt moeten
worden en verscheept gaan worden naar Nederland. Dus vanaf de Bravo
compagnie een groet uit het zonnige en vooralsnog vredige Ethiopië.
Majoor der mariniers Jarst de Jong
|
| |