|
Kippengriep deelt mens schampschot uit |
|
Voor
het eerst sinds 1997 heeft de gevreesde vogelgriep weer een menselijk
slachtoffer geëist in Hong Kong. Griepexperts houden hun adem in.
Zes doden en anderhalf miljoen geslachte kippen. Dat was zes jaar
geleden de prijs van een uitbraak van de vogelgriep in Hong Kong.
Voor het eerst sinds 1968 was het een griepvirus gelukt om van dieren
over te springen naar mensen. Doodeng, daarover was iedereen het eens.
De Wereldgezondheidsorganisatie sloeg groot alarm, de autoriteiten
in Hong Kong lieten alle kippen op het eiland slachten.
In februari dreigde het opnieuw mis te gaan. In een ziekenhuis in
Hong Kong overleed een 33-jarige man aan dezelfde variant van het
vogelgriepvirus die ook in 1997 voor paniek zorgde: variant H5N1 van
grieptype A, om precies te zijn. De zoon, een dochter en de echtgenote
van de man kregen ook griep, maar herstelden. Onbekend is nog of de
gezinsleden ook griepsoort H5N1 hadden. Laboratoriumonderzoek zorgde
voor opluchting: het griepvirus dat de man doodde is waarschijnlijk
niet besmettelijk. Er lijkt sprake van een geïsoleerd geval. De mensheid
is aan een nachtmerrie ontsnapt, stellen virologen vast.
Nieuwe griepvarianten duiken ieder jaar op. Meestal gaat het om relatief
onschuldige variaties van al bestaande, 'menselijke' griepsoorten.
Maar eens in de twintig, dertig jaar slaagt het griepvirus erin de
soortbarrière te nemen. Een heel nieuwe griepvariant doet dan zijn
intrede vanuit de dierenwereld. Bij dieren richt het griepvirus meestal
weinig schade aan, maar het menselijk lichaam is niet altijd bedacht
op de nieuwe tegenstander. Met alle gevolgen van dien.
In 1918 sprong een griepvirus over van het varken naar de mens. Deze
'Spaanse griep' kostte naar schatting wereldwijd veertig miljoen mensen
het leven - meer dan het aantal slachtoffers van de Eerste Wereldoorlog.
In 1957 kwamen een miljoen mensen om bij een uitbraak van de Aziatische
griep. En in 1968 eiste de Hong-Konggriep 700.000 levens.
Vooral varkens en vogels gelden als een goede 'springplank' voor de
ziekte. In 1986 schrok de wereld op toen een Nederlander zwaar ziek
werd van een varkensvariant van de griep. Vlak voor de eeuwwisseling
dook er in Hong Kong een baby op die weer een andere griepvariant
van een varken had gekregen. En dan is er nog een andere telg uit
de griepfamilie, een nauw aan H5N1 verwant influenzavirus met de catalogusnaam
H9N2. In 1999 nam ook H9N2 de sprong over de soortenbarrière. Twee
mensen, opnieuw in Hong Kong, werden ziek.
Steeds kwam de mensheid goed weg. Alle slachtoffers overleefden de
ziekte, en het virus bleek niet in staat zich te verspreiden en stierf
uit. Dat had wellicht anders uitgepakt als een van de slachtoffers
tegelijk met zijn 'dierengriep' ook een menselijke variant had opgelopen.
Virologen vrezen dat die twee virussen wel eens met elkaar kunnen
versmelten, om op slag te veranderen in een besmettelijk, nieuw Hong-Kongvirus
- of, erger nog, een nieuwe Spaanse griep.
Vooral het Verre Oosten wordt alom beschouwd als een kraamkamer van
nieuwe griepsoorten. Mens en dier leven er op elkaars lip. Op stampvolle
markten gaan levende kippen van hand tot hand, pluimvee wordt op straat
geslacht en veel inwoners houden kippen thuis. Na de mini-epidemie
van 1997 slachtte Hong Kong alle 1,4 miljoen kippen die de toenmalige
Britse kolonie bevolkten en scherpte het land de import- en gezondheidsregels
aan. Maar vorig jaar lieten Amerikaanse virologen zien dat die maatregelen
niet hebben geholpen. De afgelopen jaren heeft H5N1 minstens twee
keer gezorgd voor een griepepidemie onder kippen, overigens zonder
mensen te besmetten. Momenteel importeert Hong Kong ieder jaar tachtigduizend
kippen van het Chinese vasteland.
De autoriteiten in Hong Kong denken dat China het land is waar het
nieuwste slachtoffer zijn ziekte heeft opgelopen. In januari bezocht
de man familieleden in Zuid-China. Daar moet het kippenvirus op hem
zijn overgesprongen. Hoe precies, is onbekend. Van het eten van kip
is het waarschijnlijk niet gekomen: het virus zou de bereiding van
het vlees niet hebben overleefd.
Het Verre Oosten en de speciaal ingestelde griepcommissie van de Wereldgezondheidsorganisatie
staan op scherp. Vorige maand nog dook er in Zuid-China alweer een
mysterieuze, griepachtige ziekte op. Driehonderd Chinezen werden ziek,
zes mensen overleefden het niet. De indirecte gevolgen waren groter.
Talloze Chinezen raakten in paniek en durfden alleen nog met mondkapjes
de straat op. Er ontstond een enorme run op zowel westerse medicijnen
en traditionele middeltjes. De prijs van azijn, waarvan veel Aziaten
geloven dat het virusinfecties tegengaat, vertienvoudigde.
Virologen zijn het erover eens: het griepvirus is nog altijd een van
de dodelijkste, meest onderschatte tegenstanders van de mens. Onderzoekers
die H5N1 bestudeerden, kwamen vorig jaar tot de ijzingwekkende conclusie
dat er maar één mutatie in het virus nodig was om het van een kippenziekte
ook een mensenziekte te maken. De griep is - letterlijk - één stap
van de mens verwijderd.
Het probleem is dat het griepvirus geen dood, inert ding is. Het evolueert.
Sterker nog: het is een van de snelst evoluerende wezens op aarde.
En het is een geduchte tegenstander. Anders dan de meeste virussen
is influenza tot de tanden bewapend, met niet minder dan acht stukjes
erfelijk materiaal die de gastheer kunnen besmetten, geflankeerd door
talloze eiwitten.
Toch zijn er ook lichtpuntjes. Sinds de laatste, grote dodelijke griepgolf
is er 35 jaar verstreken. Onderzoekers begrijpen beter dan ooit hoe
het griepvirus werkt - en wat eraan te doen is. Nieuwe medicijnen
en vaccins deden hun intrede, en in onder meer Amerika en Japan wordt
momenteel geëxperimenteerd met methoden om snel grote hoeveelheden
vaccins te maken. De algemene verwachting is dat een nieuwe griepepidemie
niet zo heftig zal kunnen toeslaan als in 1918.
Dat is maar goed ook, want over een ding zijn virologen het eens:
het is een kwestie van tijd voordat de volgende dodelijke griepvariant
uit de coulissen springt. De Australische grieponderzoeker Graeme
Laver vergeleek het eens met de grote aardbeving die San Francisco
bedreigt. "We weten één ding zeker: dat hij eraan komt."
Dit artikel verscheen eerder op omroep.nl/wetenschap
|
| |