|
Finish op Cauberg als ultieme kick |
17-04-2003 |
Reportage
NOS-Journaal over de Cauberg
Reportage
over de Cauberg
De
Gulperberg, de Eyserbosweg, de Keutenberg. Het zijn de bekende heuvels
die beklommen moeten worden in de finale van de Amstel Gold Race.
Maar dé berg van 'Limburgs Mooiste' is natuurlijk de Cauberg.
Dit jaar zal de finish voor het eerst boven op dit illustere obstakel
liggen en niet meer in de straten van Maastricht. De Gold Race is
daardoor selectiever dan ooit tevoren, beaamt ook een opgewonden koersdirecteur
Leo van Vliet.
Het
parcours van de Amstel Gold Race was altijd al zwaar en vaak bleven
in de finale de allersterkste renners over. Een enkele keer wist er
nog een sprinter te winnen, zoals Erik Zabel in 2000, maar de laatste
jaren was het meestal een typische klassiekerrenner die de organisatie
op de erelijst kon bijschrijven. Met Michele Bartoli in 2002, Erik
Dekker in 2001, Michael Boogerd in 1999 en Bjarne Riis in 1997 viel
er weinig te klagen.
Droom
Maar Leo van Vliet wilde meer. De laatste twintig kilometer - op weg
naar Maastricht - van de enige Nederlandse wereldbekerwedstrijd waren
vlak, waardoor er nog wel eens renners uit de achtergrond konden terugkeren.
Om echt zeker te weten dat de sterkste renners over zouden blijven,
wilde Van Vliet (sinds 1995 directeur) de route nog selectiever maken.
Hij had al jaren één grote droom: de finish op de Cauberg.
"Ik had zeven à acht jaar geleden al bedacht dat dat het
mooiste is. De Cauberg ligt toch in hét wielerdorp (Valkenburg)
van Nederland."
Gevraagd
naar het profiel van de winnaar hoeft de oud-prof niet lang na te
denken. "Een klassiekerrenner die in topvorm is, het hoeft geen
speciale klimmer te zijn. Dekker in topvorm zou bijvoorbeeld kunnen
winnen, maar voor Luik-Bastenaken-Luik komt hij tekort." De Gold
Race is daarom geschikt voor een brede groep renners. Niet voor niks
gaat de koersdirectie er prat op dat ze één van de wereldkoersen
organiseert met de meeste renners uit de top 20 van de wereld.
Machtsklimmers
Met het in vervulling gaan van de grote wens van Van Vliet is echter
ook een groot aantal renners bij voorbaat kansloos geworden voor de
overwinning. Sprinters, in het verleden nog wel eens succesvol, zullen
het ongetwijfeld moeten afleggen tegen de explosievere machtsklimmers.
Niet
iedereen is dan ook even blij met de nieuwe aankomst. Limburger Max
van Heeswijk uitte in dagblad De Limburger forse kritiek: "Wie
haalt het in zijn hoofd om het peloton over 31 hellingen te sturen?
Je kunt de koers wel zwaarder maken, maar daarmee doe je niemand een
plezier. Het publiek ziet liever een finale met zestig renners dan
een afvalkoers waarin een select groepje voor de overwinning strijdt."
Het is een geluid dat van meer renners komt die gebaat zijn bij een
vlakke aankomst, maar de organisatie zit daar niet over in. "Ik
heb Van Heeswijk nooit gezien in de uitslag. Ik vind dat je geen kritiek
moet hebben op wedstrijden waar je sowieso nooit van voren zit. Over
de Tour de France hoor ik hem ook niet. Ik kan wel begrijpen dat hij
denkt 'nou wordt het helemaal moeilijk'", aldus Van Vliet.
Loodzwaar
De winnaar van een Touretappe in 1978 vervolgt: "Er bestaat wel
altijd de mogelijkheid van een monsterontsnapping, maar daar ga je
als wedstrijdorganisatie niet vanuit. De vluchters moeten ook alle
hellingen over. Uiteindelijk zal er wel jacht worden gemaakt. Bram
Schmitz reed vorig jaar ook erg lang vooruit en werd uiteindelijk
pas op de Keutenberg, dertig kilometer voor de finish, teruggehaald."
"De
laatste loodjes wegen het zwaarst en nu helemaal. Het parcours is
de laatste zestig kilometer loodzwaar, zodat de sterkste renners over
zullen blijven. De Keutenberg zat ook nog nooit zo dicht op de finish."
De voorspelde windkracht vier zal het zondag nog moeilijker maken.
"Het zakt allemaal in de benen."
Helemaal doof voor de kritiek is Van Vliet ook weer niet. In de jaren
zeventig en tachtig was hij zelf actief als renner en reed hij 'Limburgs
Mooiste' ook zes keer. Hij kent het klappen van de zweep. "Ik
werd in mijn eerste jaar achtste, maar daarna moest er altijd voor
Jan Raas gereden worden. Het was toen ook minder zwaar. De finish
lag in Meerssen. Als renner had ik het nieuwe parcours ook minder
leuk gevonden, maar als koersdirecteur is het fantastisch."
Kippenvel
Dit enthousiasme kenmerkt Van Vliet deze dagen. Terwijl de voorbereidingen
nog getroffen worden, leeft hij duidelijk naar zondag toe. "Het
is een mooie aankomst met veel publiek. Het wordt hectisch, maar daar
zijn we op voorbereid. We hebben overlegd met de gemeente en in Valkenburg
hebben ze ook veel ervaring vanwege de organisatie van het wereldkampioenschap.
De sfeer op de Cauberg zal super zijn. Als renner geeft het een kick,
gewoon kippenvel als je de Cauberg oprijdt. Dat heeft veel impact."
|
|
|