|
Cindy Klassen: een jonge, snel rijzende ster |
07-02-2003 |
Renate
Groenewold
De
Nederlanders boezemen de Duitse schaatsvrouwen al lang geen angst
meer in. Het grootste gevaar komt tegenwoordig uit Canada. Cindy Klassen
(23) is in ijltempo bezig de hemel bij het allrounden te bestormen.
De eerste mondiale titel lonkt in Göteborg nu regerend kampioen Anni
Friesinger het WK vanwege een blessure moet laten schieten.
"Ik maak me echt zorgen, omdat Cindy zich op de langere afstanden
ook zo enorm heeft verbeterd", verklaarde Claudia Pechstein onlangs.
De Duitse, bij absentie van haar landgenote de te kloppen vrouw in
Zweden, beschouwt Klassen als het voornaamste obstakel op weg naar
de mondiale lauwerkrans.
Dat is op zich niet zo heel erg vreemd. De Canadese - geboren in Winnipeg
- gaat het allrounden immers steeds beter beheersen. Ter illustratie:
onlangs verbeterde Klassen in Salt Lake City het wereldrecord op de
grote vierkamp. Met een totaal van 158.287 punten stootte ze Anni
Friesinger van de troon. "Natuurlijk ben ik daar blij mee, maar
ik word toch liever wereldkampioen", meent Klassen.
De voortekenen zijn in ieder geval gunstig. Klassen is bezig aan het
beste seizoen uit haar loopbaan, boekt elke week progressie en kan
via een goede 500 meter een nog betere basis leggen voor de titel.
Op die afstand en de 1500 meter moet de Canadese, zo beseft ze, het
verschil maken met Pechstein. Op de lange afstanden verspeelt ze tegenwoordig
niet zo gek veel meer ten opzichte van de Duitse. Vandaar ook dat
Pechstein zich zorgen maakt over Klassen.
De
Canadese heeft zich in een stormachtig tempo ontwikkeld tot een allroundster
van wereldformaat. Pas vier jaar doet ze aan langebaanschaatsen. Daarvoor
stortte ze zich met haar hele ziel en zaligheid op inline-skaten en
ijshockey. "Ik wou nooit langebaan-schaatsster worden",
verklaart Klassen. "Ik had een hekel aan die strakke pakken en
vond die Noren er maar raar uitzien."
IJshockey vond ze heel wat stoerder. Vanaf haar vijfde was ze bezig
met haar grote doel: namens Canada op de Olympische Spelen meedoen
met de ijshockeyploeg. Klassen lag aardig op schema, maar kreeg vlak
voor de Winterspelen van Nagano een bittere pil te verwerken. De verdedigster
werd vijf weken voor Nagano uit de selectie gezet. Niet goed genoeg.
"Mijn wereld stortte in", herinnert ze zich. Haar droom
spatte uiteen.
Het langebaanschaatsen - tot 1998 een bijnummer voor Klassen - bleek
haar redding. Pas nadat ze op de WK voor junioren goud en brons had
gewonnen, besloot de studente geografie zich volledig op die discipline
toe te leggen. Klassen bleek een ruwe diamant. Leergierig, talentvol
en toegewijd. "Ze heeft iedereen verrast", vindt haar trainster
Moira D'Andrea. "Mij ook. Het is ongelofelijk zoals ze zich de
laatste jaren heeft ontwikkeld. Cindy is een uniek talent."
Klassen
is van origine geen allroundster. De korte afstanden zijn haar favoriete
terrein. Op de WK-sprint in Calgary werd ze onlangs tweede achter
de Duitse specialiste Monique Garbrecht. "Maar als je allrounder
wilt worden, dan moet je de langere afstanden nu eenmaal ook beheersen."
En die beheerst ze ook, zo bleek vorig jaar in Salt Lake City. Op
de Winterspelen veroverde ze een bronzen medaille op de drie kilometer.
Ze was bloednerveus bij haar eerste olympische avontuur en voor de
drie kilometer. "Ik kon niet eens eten of slapen. Zo erg was
het." Maar een bezoekje aan McDonald's - de avond voor de race
- verhielpen alle problemen. Klassen: "Zo heb ik mijn olympische
droom alsnog voltooid. Alleen niet met de ijshockeyploeg, zoals aanvankelijk
mijn bedoeling was." |
| |