|
Spaar
Select domineert, Angenent verrast |
03-11-2002
|
Alle financiële malheur ten spijt heeft de Spaar Select-ploeg zich
prima vermaakt tijdens de Nederlandse afstandskampioenschappen. Op de
halfoverdekte Vechtse Banen in Utrecht, waar het zachte herfstweer en
de wind de ijsvloer en schaatsers danig parten speelden, gingen zes van
de tien te verdelen titels naar de formatie, die onder de van TVM gekomen
trainer Jac Orie opnieuw tot leven is gekomen.
Gianni
Romme moest zich tevreden stellen met één gouden plak (5.000
meter), maar Marianne Timmer toonde zich ongenaakbaar op de 500 én
1.000 meter, terwijl Erben Wennemars zelfs voor een nooit eerder bij afstandskampioenschappen
vertoonde drieklapper zorgde. De sprinter domineerde op de 500, 1.000
en 1.500 meter. "Het gaat echt goed. Dit seizoen is nu al beter dan
het afgelopen", verwees de nieuwbakken vader naar het olympisch toernooi
in Salt Lake City, waar de prijzen ver buiten zijn bereik bleven.
Met name de techniek van Wennemars is na de komst van Orie, die de Amerikaan
Peter Mueller is komen aflossen bij Spaar Select, flink verbeterd. En
dat heeft meteen al zijn vruchten afgeworpen, zoals ook Timmer, Romme,
Mark Tuitert en Martin Hersman baat lijken te hebben gehad bij de frisse
wind. "Ik denk dat het schokeffect heeft meegewerkt", sprak
de alom geprezen Orie bescheiden. "Een andere manier van trainen
kan zeker motiveren. Deze ploeg had bovendien duidelijkheid nodig."
Zwaar lijf
Duidelijkheid kreeg ook Rintje Ritsma, die noch op de 1.500 meter noch
op de 5.000 meter kans zag zich onder de beste vijf te scharen en zo een
wereldbekerticket te bemachtigen. Het 32-jarige krachtmens, die het door
zijn zware lijf bepaald niet cadeau kreeg op het vaak zachte ijs in Utrecht
- "Een NK onwaardig", klaagde het slachtoffer -, zal zich noodgedwongen
moeten richten op het NK allround van eind december. "Dit
is balen", gaf Ritsma toe. "Ik ben best teleurgesteld, maar
ik moet de positieve punten zoeken. Ik heb nu in ieder geval meer tijd
om te trainen. Er komen nog genoeg wedstrijden."
Was
Wennemars de uitblinker tijdens de driedaagse, de grootste surprise kwam
op naam van de 35-jarige marathonschaatser Henk Angenent, die zijn debuut
maakte op een langebaantoernooi. De winnaar van de laatste Elfstedentocht
(1997) werd tot zijn met tranen gepaard gaande verbijstering zowaar Nederlands
kampioen op de 10 kilometer. Goed voor goud én een uitnodiging
voor de wereldbekerwedstrijd in Heerenveen eind deze maand.
Kunstje
Marathoncollega Jenita Hulzebosch-Smit flikte eerder op de zondagmiddag
bij de vrouwen hetzelfde kunstje op de 5.000 meter, al kwam haar zege
toch veel minder als een verrassing. In tegenstelling tot Angenent heeft
de oudere zus van Gretha Smit - nog niet geheel hersteld van haar knieblessure
en daarom absent in Utrecht - prioriteit gegeven aan het langebaanwerk.
Wat overigens niet wil zeggen dat ze de marathoncompetitie geheel voor
gezien houdt.
Naast
goud op de langste afstand greep Hulzebosch zilver op de 3 kilometer.
Het succesvolle debuut doet denken aan de overdonderende entree die haar
zus vorig seizoen maakte. Maar daarvan wil Jenita, die volgende week in
Hamar het wereldbekercircuit induikt, niets weten. "Je kunt mij niet
met Gretha vergelijken. Zij is veel beter. Maar dit bewijst wel dat het
niveau van het marathonschaatsen de afgelopen jaren sterk is gestegen",
vindt Hulzebosch-Smit.
Bovendien, zo meent Angenent, staan marathonrijders veel nuchterder in
het sportleven. "Wij zien sport nog als sport en niet als een beroep.
Van geld ga je echt niet harder schaatsen."
|
|