|
Montoya
snelste in optocht van Monte Carlo |
01-06-2003 |
Zijn
racetalent werd nauwelijks betwist, maar het was weer eens tijd dat
Juan Pablo Montoya met een klinkend resultaat zijn neus aan het venster
drukte. In Monte Carlo deed hij dat door voor de tweede keer in zijn
carrière de hoogste trede van het podium van de Grand Prix
Formule 1 te beklimmen. In een weinig opwindende race bleef hij Kimi
Räikkönen en Michael Schumacher voor. Jos Verstappen viel
met technische problemen uit.
Twee seizoenen terug deed hij met veel bombarie zijn intrede in de
Formule 1. Juan Pablo Montoya toonde weinig ontzag voor de gevestigde
elite, ruziede doorlopend met teamgenoot Ralf Schumacher, maakte naam
met knappe racestaaltjes, reed tien keer naar pole position
en won de Grand Prix van Monza. Door de overmacht van Ferrari verdween
Montoya echter langzaam naar de achtergrond en dit seizoen dreigde
door de opmars van de jonge honden Kimi Räikkönen en Fernando
Alonso en de chassis-problemen van Williams zelfs een rol op het tweede
plan.
In
de straten van Monaco deed de kleurrijke Zuid-Amerikaan toch weer
van zich spreken. Hij trainde de derde tijd en rukte al in de eerste
bocht op naar de tweede plaats achter teamgenoot Ralf Schumacher.
De verschillen aan kop waren klein en Montoya bleek de grote winnaar
van de eerste pitsbezoeken. Hij voerde het veld aan voor Räikkönen
en Michael Schumacher, terwijl Ralf Schumacher naar de vierde plaats
was teruggevallen.
De
race kende weinig spektakel, omdat de mogelijkheden om elkaar in te
halen op de smalle weg nihil waren. De spanning zat hem in de kleine
verschillen tussen de eerste acht bolides, zodat foutjes bij het tanken
en banden verwisselen tot positiewisselingen konden leiden. Dat gebeurde
echter niet en doordat Montoya van mechanische pech verstoken bleef
en zelf geen fouten maakte, mocht hij als winnaar de felicitaties
van Prins Rainier in ontvangst nemen. "Iedereen van ons team
had dit nodig. Ralf gisteren de pole, ik vandaag de zege, het
is geweldig", lachte de Williams-BMW-coureur.
Voor Jos Verstappen en zijn Minardi-teamgenoot Justin Wilson was het
aan de Middellandse Zee minder prettig toeven. Na circa dertig ronden
hadden beide zwarte bolides problemen met de benzinedruk, waardoor
de coureurs te voet de pits op konden zoeken. "Jammer. We hadden
met één stop de juiste strategie denk ik. Als ik het
nog even had kunnen rekken had het er niet slecht uitgezien",
zei de Limburger.
De Brit Jenson Button ging niet van start. De BAR-coureur vloog zaterdag
tijdens de training met hoge snelheid tegen de vangrail. Pas na tien
minuten kon hij bevrijd worden uit zijn bolide. Onderzoek in het ziekenhuis
wees uit dat hij niets aan de crash had overgehouden. Desondanks achtte
de teamleiding van BAR het verstandig Button niet te laten starten.
| Uitslag
van de GP van Monaco (262.860 km): |
|
1.
|
Juan
Pablo Montoya (Colombia) |
Williams
|
1.42.19,010
(152,733 km/u)
|
|
2.
|
Kimi
Räikkönen (Finland) |
McLaren
|
op
0,602
|
|
3.
|
Michael
Schumacher (Duitsland) |
Ferrari
|
op 1,720
|
|
4.
|
Ralf
Schumacher (Duitsland) |
Williams
|
op
28,518
|
|
5.
|
Fernando
Alonso (Spanje) |
Renault
|
op
36,251
|
|
6.
|
Jarno
Trulli (Italië) |
Renault
|
op
40,972
|
|
7.
|
David
Coulthard (Groot-Brittannië) |
McLaren
|
op 41,227
|
|
8.
|
Rubens
Barrichello (Brazilië) |
Ferrari
|
op
53,266
|
|
9.
|
Cristiano
da Matta (Brazilië) |
Toyota
|
op
1 ronde
|
|
10.
|
Giancarlo
Fisichella (Italië) |
Jordan
|
op 1 ronde
|
|
11.
|
Nick
Heidfeld (Duitsland) |
Sauber
|
op
2 ronden
|
|
12.
|
Ralph
Firman (Groot-Brittannië) |
Jordan
|
op
2 ronden
|
|
13.
|
Olivier
Panis (Frankrijk) |
Toyota
|
op 4 ronden
|
|
| Uitgevallen: |
|
*.
|
Jacques
Villeneuve (Frankrijk) |
BAR
|
ronde 64
|
|
*.
|
Justin
Wilson (Groot-Brittannië) |
Minardi
|
ronde
32
|
|
*.
|
Jos
Verstappen |
Minardi
|
ronde
28
|
|
*.
|
Mark
Webber (Australië) |
Jaguar
|
ronde
17
|
|
*.
|
Antonio
Pizzonia (Brazilië) |
Jaguar
|
ronde
11
|
|
*.
|
Heinz-Harald
Frentzen (Duitsland) |
Sauber
|
ronde
1
|
|
*.
|
Jenson
Button (Groot-Brittannië) |
BAR
|
niet
gestart
|
|
| |
|