|
Portret 'De Slangenkoppen' |
|
Britse
immigratiedienst over waarom Chinezen hun land verlaten
Slangenkoppen opereren in kleine dorpen in het zuidwesten van China.
Ze houden de arme dorpelingen voor dat in het Westen een nieuw en
rijk leven gloort en dat de vlucht relatief eenvoudig geregeld kan
worden. De term Slangenkoppen refereert aan de lange en slingerende
tocht die veel 'klanten' uiteindelijk moeten maken.
De bendes organiseren zowel de volledige en vaak mensonterende tochten
als de (valse) papieren. Veelal brengen ze zo'n 35.000 tot 40.000
gulden in rekening, waarvan de helft direct aanbetaald moet worden.
Soms leggen hele dorpen geld bijeen om een plaatsgenoot op weg te
kunnen sturen naar het beloofde land.
De Chinese werkwijze wijkt af van mensenhandelaren uit andere landen
die veelal alleen een deel van de tocht of alleen de papieren regelen.
Eenmaal in het Westen wacht de slachtoffers van de Slangenkoppen evenwel
vaak een mensonterend bestaan als 'slavenarbeider' in textielbedrijven,
restaurants of bordelen. Daar moeten velen gedwongen hard werken om
de schulden aan de handelaren te kunnen teugbetalen.
Vluchtelingen die zich niet aan de regels van de Slangenkoppen wensen
te houden, kunnen rekenen op harde repercussies zoals marteling en
ontvoering. Afgesneden oren of vingers moet het thuisfront ertoe aanzetten
de resterende schuld te betalen. Op de 'populaire' Chinees-Britse
route zouden zeven tot tien bendes actief zijn. Infiltraties door
Britse agenten lopen vaak op niets uit, mede door een gebrek aan rechercheurs
die de verschillende talen van China voldoende kunnen spreken.
|
|
|